
Egged (voluit in het Engels: Egged Israel Transport Cooperative Society, Ltd) is de grootste busmaatschappij van Israël en, op London Buses na, het grootste busbedrijf van de wereld.
Egged exploiteert met 4000 bussen een fijnmazig stads- en streekbusnet met ongeveer 1300 lijnen. Er zijn zo'n 6500 mensen in dienst. Het bedrijf is eigendom van een coöperatief dat uit ongeveer 3250 werknemers bestaat. Dagelijks worden 1 miljoen reizigers vervoerd. De bussen zijn meestal donkergroen en dragen een witte of lichtgrijze 'א'. Dit is alef, de eerste letter van het Hebreeuws alfabet.
Egged is in 1933 ontstaan na de fusie van vier kleinere busmaatschappijen. De naam Egged, Hebreeuws voor verbondenheid, is bedacht door dichter Chajiem Nachman Bialik. In 1942 werd het samengevoegd met het busbedrijf United Sharon . In 1951 fuseerde het bedrijf met de noordelijke maatschappij Sjachar en de zuidelijke maatschappij Drom Jehoeda, waarmee een nationaal openbaarvervoersnetwerk ontstond. Na de Zesdaagse Oorlog fuseerde Egged met Hamekasjer, het stadsvervoerbedrijf van Jeruzalem. In Tel Aviv opereert het eigen zelfstandige stadsvervoerbedrijf 'Dan'.
De Israëlische regering heeft in 1997 besloten om marktwerking in het busvervoer in te voeren om zo het monopolie van Egged te doorbreken. Onder meer het Franse bedrijf Veolia Transport werd in het land actief in busvervoer.
Eind 2002 spande Egged een rechtszaak aan tegen de Palestijnse Nationale Autoriteit en haar voorzitter Yasser Arafat om compensatie te eisen voor de schade en het inkomensverlies als gevolg van terroristische aanslagen en zelfmoordaanslagen op bussen tijdens de Tweede Intifada, omdat de aanslagen passagiers ervan zouden hebben weerhouden om met de bus te reizen. Op 3 februari 2003 oordeelde de districtsrechtbank van Tel Aviv dat Arafat Egged 52 miljoen sjekel aan schadevergoeding moest betalen voor één jaarinkomen verlies en 100.000 sjekel aan proceskosten.
In 2019 stemden leden met overweldigende meerderheid om Egged om te zetten van een werknemerscoöperatie in een bedrijf. Als de leden niet hadden ingestemd met het voorstel om de eigendomsstructuur om te zetten, had de overheid de exploitatieovereenkomst die ze in november 2018 met Egged had gesloten, kunnen opschorten, de routes kunnen aanbesteden en diverse sancties kunnen opleggen totdat Egged besloot om zich om te zetten in een bedrijf.
Egged-bussen en hun passagiers zijn al een aantal keren het slachtoffer geworden van terreurdaden, waaronder:
Het Bureau van de Hoge Commissaris van de Verenigde Naties voor de Mensenrechten zette Egged op een lijst van bedrijven die zaken doen met illegale Israëlische nederzettingen op de Westelijke Jordaanoever.
Een dochteronderneming van Egged, EBS Public Transportation BV. verkreeg in 2011 een concessie ter waarde van ongeveer € 500 miljoen om tien jaar lang het busvervoer in de regio Waterland uit te voeren. Het contract stuitte op verzet van lokale actiegroepen die Egged ervan beschuldigden het Israëlische nederzettingenbeleid op de Westelijke Jordaanoever te steunen en het winnen van de aanbesteding door het bedrijf beschouwen als indirecte Nederlandse steun voor het Israëlische nederzettingenbeleid, aldus berichten van Radio Nederland Wereldomroep . De dochteronderneming ontkent betrokken te zijn bij de politiek. [bron?]