De oudst bekende voorvader van het geslacht is Johan Fagel die in 1540 in het Vlaamse plaatsje Nieuwkerke woonde. In 1583 verhuisde de koopman François Fagel (circa 1543-1587) van Antwerpen naar Amsterdam, waar zijn nazaten al gauw tot de vooraanstaande regentenfamilies van de Republiek gingen behoren. Vijf Fagels bekleedden gedurende 125 jaar (van 1670 tot 1795) de invloedrijke functie van Griffier van de Staten-Generaal. Bij Souverein Besluit van 28 augustus 1814 werd een nazaat benoemd in de ridderschap van Holland. In 1815 volgde voor leden van het geslacht erkenning met de titel van baron. Het geslacht stierf in 1940 uit.
Maria Susanna Fagel (1746-1826); trouwde in 1773 met haar neef mr. Willem Carel Dierquens (1753-1778), agent en commies ter Staten-Generaal
Elisabeth Agneta Fagel (1709-1768); trouwde in 1731 met haar neef mr. Johan Pieter Dierquens (1710-1780), schepen en burgemeester van 's-Gravenhage
Johanna Catharina Maria Dierquens (1746-1785); trouwde in 1764 met mr. Jacob Willem van der Brugghen (1743-1778), secretaris van 's-Gravenhage en lid van de familie Van der Brugghen
mr. Willem Carel Dierquens (1753-1778), agent en commies ter Staten-Generaal; trouwde in 1773 met zijn nicht Maria Susanna Fagel (1746-1826)
Maria Fagel (1649-1739); trouwde in 1686 met mr. François Doubleth, heer van Groenevelt (1642-1688), schepen en burgemeester van 's-Gravenhage
Margaretha Fagel (1652-1726); trouwde in 1683 met mr. Johan van der Haer (1655-1726), griffier van de Hoge Raad van Holland en Zeeland
Henriette Fagel (1667-1711); trouwde in 1687 met de broer van haar zwager mr. Bonifacius van der Haer (1663-1734), griffier en rentmeester van de Raad van Brabant
In rood twee gouden kepers vergezeld boven van twee toegewende zilveren vogels, goud gesnaveld en gepoot.
Wapenschild van het geslacht Fagel
Bibliotheek
Zie Fagel-collectie voor het hoofdartikel over dit onderwerp.
De Fagels bouwden als griffiers de grootste particuliere verzameling kostbare boeken en drukwerken uit die fase van de Nederlandse geschiedenis op. Na de Franse bezetting in 1795 raakte Hendrik Fagel (1765-1838) zijn inkomsten kwijt.
Literatuur
W.M.C. Regt, Genealogie der familie Fagel. 's Gravenhage, 1906.
N.M. Japikse, Fagel. Een Nederlands regentengeslacht 1585-1929. 's-Gravenhage, 1962 (tentoonstellingscatalogus).
N.M. Japikse, Het archief van de familie Fagel. 's-Gravenhage, 1964.