Over het algemeen wordt bij het begrip fietsroute gedacht aan een bewegwijzerde ofwel beschreven of anderszins gefaciliteerde route, die men fietst als recreatieve/toeristische activiteit. Maar ook alle andere routes voor fietsers (bijvoorbeeld woon-werkverbindingen waarvoor fietsinfrastructuur is aangelegd) zijn feitelijk fietsroutes. Een fietsroute waar een fietser voorrang heeft, staat ook wel bekend als snelfietsroute of fietssnelweg.
Fietsroutes vallen onder het algemene begrip fietsverkeer.



Deze routes zijn te volgen doordat langs de route wegwijzers de te volgen weg aangeven. In Nederland zijn de meeste georganiseerd door de ANWB en/of het Landelijk Fietsplatform, in Vlaanderen door de provinciale toeristische diensten.
Veel fietsbewegwijzering wijst, evenals andere type wegwijzers, simpelweg van de ene locatie (meestal een dorp, stad of stadswijk) naar de andere locatie.
Een fietsknooppuntennetwerk is opgebouwd uit vele korte stukken fietsroute, en is eerder gericht op de recreatieve fietser.
De plekken waar deze stukken fietsroute bij elkaar komen, hebben een nummer en worden fietsknooppunten genoemd. Met wegwijzerbordjes wordt de weg naar deze knooppunten gewezen. Men stippelt zelf een route uit als een opeenvolging van knooppunten. Het systeem is in 1995 ontstaan in Belgisch Limburg en heeft zich van daaruit verspreid over het Nederlandstalig gebied. Later kwamen daar onder andere Wallonië, Duitsland en Frankrijk bij.
Naast bovengenoemde bewegwijzerde routes, bestaan er in België, Nederland
In het Groot-Brittannië worden langeafstandsfietsroutes aangeduid als National Cycle Network routes, in Duitsland D-Netz Radfernwegen, in Denemarken Nationale Fietsroutes, in Noorwegen Nationale Fietsroutes, in Zweden Nationale Fietsroutes, in Zwitserland Nationale Fietsroutes, in Tsjechië Nationale Fietsroutes, in Luxemburg Nationale Fietsroutes.
Fietsroutes die niet worden bewegwijzerd, zijn verder onder te verdelen in: