| Francesco Guccini | ||||
|---|---|---|---|---|
Francesco Guccini (2009) | ||||
| Persoonsgegevens | ||||
| Geboortedatum | 14 juni 1940 | |||
| Geboorteplaats | Modena | |||
| Overlijdensdatum | 6 augustus 2026 | |||
| Overlijdensplaats | Sambuca Pistoiese | |||
| Opleiding en werk | ||||
| Opleiding gevolgd aan | Universiteit van Bologna | |||
| Beroep(en) | schrijver, acteur, singer-songwriter, studiomuzikant, muzikant, Liedermacher, stripscenarist, Italian teacher | |||
| Genre(s) | popmuziek, folk | |||
| Instrument(en) | akoestische gitaar | |||
| Label(s) | EMI, Columbia Graphophone Company | |||
| Tijdlijn en statistieken | ||||
| Jaren actief | 1960 – 2026 | |||
| Aantal YouTube-abonnees | 2.670 (7 februari 2021) | |||
| Links | ||||
| Officiële website | ||||
| ||||

Francesco Guccini (Modena, 14 juni 1940 – Pavana, 6 augustus 2026) was een van de bekendste Italiaanse 'cantautori’, oftewel zangers die zelf hun liederen schrijven. Hij was sinds de jaren 1960 actief en stond tot 2007 nog op het podium. Hij stond bekend om het engagement in zijn liederen, waarin vaak een linkse signatuur te herkennen is. Umberto Eco heeft hem bestempeld als 'misschien wel de meest intellectuele van de cantautori'. Naast zanger was hij ook schrijver van verhalen, detectiveromans en een boek over het dialect van het dorp waar hij, de oorlogsjaren daargelaten, zijn jeugd doorbracht: Pàvana, dat in de buurt van Pistoia ligt. Tevens speelde hij rollen in diverse films. Zo was hij onder andere barman in Radiofreccia van rocker Luciano Ligabue.
Guccini wordt geboren op een moment dat de Tweede Wereldoorlog net uitgebroken is. De familie verhuist noodgedwongen naar Modena, en keert na de oorlog terug naar Pàvana. Wanneer Francesco twintig is, verhuist hij naar Bologna, waar hij anno 2006 nog steeds woonachtig is. Hij gaat er in 1961 Letteren studeren en komt terecht in een actieve studentenwereld. Hij rondt zijn studie niet af, ook al misten nog slechts enkele studiepunten. Ondertussen is hij in 1959 begonnen met het schrijven van liederen die hij met een akoestische gitaar begeleidt. In een netwerk van osterie, kleine eetgelegenheden, komen Francesco en zijn vrienden bijeen om muziek te maken en te discussiëren.
Aan het begin van de jaren 1960 schrijft Guccini vooral liederen voor anderen, die daar veel succes mee hebben. Auschwitz, een aanklacht tegen het niet ophoudende moorden van mensen op de wereld zonder dat er een les wordt getrokken uit de Holocaust, wordt een succes in de uitvoering van de Equipe 84 en Dio è morto, 'God is dood', wordt succesvol uitgevoerd door i Nomadi. In 1967 brengt Guccini zijn eerste eigen LP uit, Folk beat n. 1. Guccini groeide uit tot een van de belangrijkste vertegenwoordigers van de Italiaanse muziek uit de tijd van de studentenopstanden van de jaren 1960. Zijn liederen gaan vaak over thema's die bij die tijd horen - te denken valt aan de strijd tegen kernwapens en tegen de gevestigde orde van machthebbers. Later worden zijn liederen steeds verhalender en verwijst hij meer en meer naar literatuur. Tot zijn bekendste liederen behoren:
Naast het bijna altijd aanwezige engagement in zijn liederen zijn ook de vele verwijzingen naar literatuur kenmerkend voor het oeuvre van Guccini. Zo heeft hij liederen gemaakt over Madame Bovary van Flaubert en Cyrano de Bergerac. Verder is zijn ongepolijste stemgeluid met de raspende ‘r’ een handelsmerk. Ook de onderhoudende persoonlijkheid van Guccini, die zich veelal als verhalenverteller voordoet op het podium, valt op.