| Frangula | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Sporkehout (Frangula alnus) | ||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
| Geslacht | ||||||||||||||||
| Frangula Mill. (1754) | ||||||||||||||||
| Frangula rubra | ||||||||||||||||
| Frangula caroliniana | ||||||||||||||||
| Frangula californica | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
Frangula is een geslacht van ongeveer 53 soorten bloeiende struiken of kleine bomen uit de wegedoornfamilie (Rhamnaceae).
Frangula is een geslacht van bladverliezende struiken met afwisselend geplaatste, enkelvoudige bladeren met steunblaadjes, knoppen zonder knopschubben, takken zonder stekels en bloemen met vijf kroonbladen en ongedeelde stijlen. De vruchten zijn bessen met twee tot vier zaden.
Een aantal soorten zijn:
De Europese soort sporkehout was van groot militair belang in de 15e tot en met de 19e eeuw, omdat het hout ervan de beste kwaliteit houtskool leverde voor de productie van buskruit.