Dynamo

Zie Dynamo (doorverwijspagina) voor andere betekenissen van Dynamo.
Driefasen alternator met ingebouwde gelijkrichter en 14 V spanningsregelaar, gebruikt in moderne voer- en vaartuigen

Een dynamo of gelijkstroomgenerator is een machine waarin een beweging, binnenkomend via een draaiende as, in een gelijkstroom wordt omgezet. De tegenpool van de dynamo is de gelijkstroommotor, waarin een gelijkstroom in een beweging wordt omgezet.

De dynamo, van het Griekse δύναμις, dunamis, lichaamskracht, was vroeger een andere naam voor elektrische generator, maar wordt sinds de ontwikkeling van de alternator vooral gebruikt om generatoren aan te duiden die met behulp van een commutator gelijkstroom opwekken. De wisselstroomgenerator van een fiets wordt nog steeds dynamo genoemd.

De Engelse natuur- en scheikundige Michael Faraday ontdekte in 1831 het principe van de elektromagnetische inductie en legde daarmee het fundament voor de dynamo en de elektromotor. Er komen in iedere dynamo een vast deel, de stator, en een draaiend deel, de rotor voor.

Mijlpalen

Pixii's dynamo

Pixii's dynamo met commutator
Pacinottidynamo

Hippolyte Pixii, een Franse instrumentmaker maakte in 1832 de eerste dynamo, gebaseerd op Faraday's principe van inductie. Pixii gebruikte een hoefijzermagneet, die met een kruk handmatig werd rondgedraaid. De draaiende permanente magneet was zo geplaatst dat de noord- en de zuidpool afwisselend langs een ijzeren kern bewogen die met draad was omwikkeld. Pixii ontdekte dat de draaiende magneet stroompulsen in de spoelen opwekte elke keer dat een pool de spoel passeerde. De noord- en de zuidpool van de magneet induceerden stromen in tegengestelde richting, zodat een wisselstroom ontstond. Door een commutator toe te voegen wist Pixii de wisselstroom om te zetten in een gelijkstroom.

Jedliks dynamo

De Hongaar Ányos Jedlik begon in 1827 met draaiende elektromagnetische apparaten te experimenteren, die hij elektromagnetische zelfrotors noemde. In zijn eenpolige elektrische starter waren zowel het vaste als het draaiende gedeelte elektromagnetisch. Dit kwam er in essentie op neer twee tegenover elkaar geplaatste elektromagneten te gebruiken in plaats van permanente magneten. Omdat elektromagneten sterkere magneetvelden kunnen leveren, kon de dynamo van Jedlik een hogere spanning opwekken, dus grotere vermogens leveren.

Hij ontdekte in 1859 het principe van de elektrodynamische zelfbekrachtiging bij dynamo's. Hij schreef in zijn journalen, dat de kleine hoeveelheid remanent magnetisme dat in een elektromagneet achterblijft, voldoende sterk was om zijn dynamo te starten. Hij bouwde in 1861 de eenpolige dynamo, die van deze zelfbekrachtiging gebruikmaakte. Dat was al een moderne dynamo, zeker zes jaar voordat Werner von Siemens en Charles Wheatstone er een maakten.

Dubbel T-anker

Een andere belangrijke stap was de invoering omstreeks 1857 van het dubbele T-anker van Werner von Siemens. Dit anker bestaat uit een cilindervormige ijzerkern met twee groeven waarin de ankerwikkeling is aangebracht. Door de kleine luchtspleet tussen het anker en de magneet is de magnetische flux vrij groot, zodat Siemens' dynamo weer een groter vermogen kon ontwikkelen.

De primaire activiteit van de Duitse onderneming Siemens, opgericht in 1847, was de telegrafie. Siemens ontdekte of herontdekte in 1867 het principe van de zelfopwekking, waarmee zij hun apparatuur met nog sterkere dynamo's konden laten werken.

Grammeringdynamo

Kleine grammedynamo

Het probleem met de ontwikkelde dynamo's was dat zij voor een piekvormige stroom zorgden. Antonio Pacinotti, een Italiaanse wetenschapper, loste dit op door de draaiende tweepolige rotor te vervangen door een meerpolige rotor die rond een ijzeren ring was gewikkeld. Dit zorgde ervoor dat er zich altijd een gedeelte van de rotorspoel in het magnetische veld bevond en de dynamo daardoor een gelijkmatigere stroom leverde.

Zénobe Gramme herontwikkelde en verbeterde dit concept een paar jaar later toen hij in 1869 de eerste commerciële dynamo maakte. Zijn ontwerp, dat nu bekend is als de grammedynamo, was een continuestroomdynamo, waarmee hogere spanningen werden gegenereerd dan met de toen bekende dynamo's. Hij ontdekte later ook dat het apparaat omkeerbaar was en als gelijkstroommotor kon functioneren.

Verdere verbeteringen werden doorgevoerd op de ring van Gramme, maar het idee van de dynamo bleef hetzelfde, een ronddraaiende, gewikkelde rotor met commutator in een elektromagnetisch bekrachtigingsveld.

Werking

Door het draaien van het anker zal door inductie in de windingen een spanning of elektromotorische kracht worden opgewekt. De grootte van de opgewekte spanning wordt gegeven door de formule:

Hierin is:

de ankerspanning in volt (V)
de constructieconstante van de dynamo
de hoeksnelheid van de rotor in rad sec−1
de poolflux van het bekrachtigingsveld in weber (Wb)

Als gevolg van onder andere de inwendige weerstand van de dynamo is bij stroomafname de spanning op de uitgangsklemmen van de dynamo:

Hierin is:

de klemspanning in volt (V)
de ankerstroom in ampère (A)
de weerstand van het anker in ohm (Ω)
het spanningsverlies van de commutator in volt (V)

Wanneer de dynamo wordt belast, zal er een stroom door de ankerwikkeling lopen. Deze stroom zal in het magnetische veld een lorentzkracht opwekken. Tegengesteld aan het drijvende koppel, zal deze ankerstroom een tegenkoppel creëren:

Hierin is:

het tegenkoppel in newtonmeter (Nm)
de constructieconstante van de dynamo
de poolflux van het bekrachtigingsveld in weber (Wb)
de ankerstroom in ampère (A)

Constructie

Hoewel de specifieke uitvoeringen onderling kunnen verschillen, bestaat elke dynamo in principe uit de volgende onderdelen:

De wijze van bekrachtiging, het opwekken van het magnetische veld in de stator, bepaalt in belangrijke mate het gedrag van de dynamo. De meest voorkomende uitvoeringsvormen zijn:

Permanente magneten

Omdat de magnetische flux van permanente magneten relatief klein is, worden deze vooral toegepast bij dynamo's met lage vermogens. Voordeel is dat zulke dynamo's kleiner, efficiënter en betrouwbaar zijn. Doordat permanente magneten een constante magnetische flux leveren, is de klemspanning evenredig met het toerental.

Afzonderlijke bekrachtiging

Spanningsregeling dynamo

Bij een afzonderlijk of vreemd bekrachtigde dynamo worden de veldspoelen in de vorm van elektromagneten gevoed uit een aparte gelijkstroombron, zoals een accu, een gelijkgerichte wisselspanning of een andere dynamo.

Daar de grootte van de opgewekte spanning afhankelijk is van de magnetische flux van de veldwikkeling, kan deze geregeld worden door de stroom in de veldketen te variëren. Het regelen van de bekrachtigingsstroom kan worden gedaan door in serie met de veldwikkeling een regelweerstand Rv op te nemen, de veldregelaar.

Vaak is de veldregelaar uitgerust met een rustcontact, om de veldwikkeling kort te sluiten bij uitschakeling. Hiermee worden hoge inductiespanningen voorkomen. In de kortgesloten veldketen wordt de eventueel nog aanwezige magnetisch energie omgezet in warmte.

Omdat de spanningsregeling op een zeer soepele wijze plaatsvindt, is deze vorm van bekrachtigen bijzonder geschikt voor de voeding van gelijkstroommotoren met een sterk wisselende belasting, de Ward-Leonardschakeling.

Eigen bekrachtiging

Bij dynamo’s met zelfbekrachtiging wordt de stroom voor de elektromagneten door de dynamo zelf geleverd, door de veldwikkeling parallel aan te sluiten over de ankerwikkeling. Een dynamo met zelfbekrachtiging komt op spanning door het in de poolkernen achtergebleven remanent magnetisme. Dit gaat als volgt:

  • Door het zwakke remanent magnetische veld wekt het draaiende anker een kleine spanning, de zogenaamde remanentiespanning, op.
  • Deze remanentiespanning zorgt voor een klein stroompje in de veldspoelen.
  • Is de richting goed dan wordt het magnetisch veld versterkt.
  • De opgewekte spanning in het anker neemt verder toe.
  • De stroom in de veldspoelen wordt groter en het veld wordt verder versterkt.

Dit gaat door totdat de magneetkernen verzadigd zijn en de ankerspanning niet verder meer zal toenemen. Is echter de richting van de stroom door de veldspoelen verkeerd dan zal het remanent magnetisme uit de poolkernen verdwijnen en komt de dynamo niet op spanning. De dynamo kan alleen nog op spanning gebracht worden door de veldwikkeling op een externe spanningsbron aan te sluiten. Bij eigen bekrachtiging kan de dynamo ook niet te zwaar belast worden. Gebeurt dit wel, dan zal de stroom de weg van de minste weerstand kiezen (de aangesloten belasting), waardoor er te weinig overblijft voor de statormagneten. In dit geval zal de spanning als de dynamo draait snel minder worden en geheel wegvallen. Een externe spanningsbron is dus ook noodzakelijk bij zware belastingen.

Bij shuntbekrachtiging is de shuntwikkeling direct aangesloten op de uitgangsklemmen. Om het koperverlies te beperken wordt de shuntwikkeling uitgevoerd met veel windingen van dun draad. Door het spanningsverlies in de ankerwikkelingen zal het veld iets afnemen bij toenemende belasting met als gevolg dat de opgewekte ankerspanning ook zal afnemen.

Om dit te voorkomen wordt er een tweede veldwikkeling opgenomen, een seriewikkeling die in serie staat met de ankerwikkeling. Deze uitvoeringsvorm wordt compoundbekrachtiging genoemd. Bij een toenemende ankerstroom zal de veldsterkte in de seriewikkeling groter worden en zo de afnemende veldsterkte van de shuntwikkeling compenseren. De klemspanning wordt dan onafhankelijk van de belasting.

Vermogensomzetting

In een dynamo wordt mechanisch vermogen omgezet in elektrisch vermogen volgens onderstaande formule:

Niet alle mechanisch vermogen wordt omgezet in elektriciteit. Een gedeelte van het toegevoerde vermogen gaat verloren, en komt in de machine vrij als warmte. Deze vermogensverliezen zijn:

Het nuttige elektrische vermogen Pn kan vervolgens berekend worden met:

Rendement

Het rendement van een dynamo is de verhouding van het nuttige elektrisch vermogen tot het toegevoerde asvermogen :

Het totale rendement van een dynamo is afhankelijk van de belastingstroom en ligt tussen de 80 en 94%.

Toepassingen

Door de verbeterde techniek van gelijkrichters is het toepassingsgebied van dynamo’s sterk achteruitgegaan. Dynamo's worden of werden toegepast op de volgende gebieden:

Zie de categorie Dynamos van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.