
Gember is een in de keuken gebruikte specerij met een vrij sterke en voor de liefhebbers aangename smaak. Gember wordt gewonnen uit de wortelstok van de gemberplant, Zingiber officinale, uit de gemberfamilie. Een wortelstok is een ondergrondse stengel van een plant; de vaak gebruikte benaming gemberwortel is niet correct. Gember groeit het best in een vochtig (sub)tropisch klimaat. Gember is een van de meest geconsumeerde specerijen ter wereld en staat ook in Nederland al eeuwen op het menu. De belangrijkste smaakstoffen in gember zijn de prikkelende verbindingen gingerol en shogaol, maar ook bètacaroteen, capsaïcine, curcumine, gingerdiol, gingerdion en koffiezuur zijn in belangrijke hoeveelheden in gember aanwezig.
Gember kan vers worden gebruikt, in plakjes gesneden of geraspt, maar ook gedroogd als gemberpoeder. Gedroogde gember is scherper van smaak dan verse gember, omdat het meer shogaol bevat dat scherper van smaak is dan gingerol.
Gember wordt toegepast in onder andere de volgende producten:
Gember wordt in Nederland veel gebruikt in koek, taaitaai en gebak, bijvoorbeeld in gemberkoek, ontbijtkoek en speculaas. In de Indonesische keuken wordt gember gebruikt in allerlei hartige gerechten, onder andere in babi ketjap en babi pangang. Djahé is de Indonesische benaming voor gemalen gemberwortel. Gember wordt ook veel in de Joodse keuken toegepast, bijvoorbeeld in het gebak gemberbolus.
Gemberolie wordt in parfums verwerkt en kan dan functioneren als topnoot.
Japanse gember is afkomstig van Zingiber mioga, een verwante soort.
Gember heeft een lange geschiedenis van gebruik als specerij en als kruidengeneesmiddel, met name in de Aziatische, Indische en Arabische cultuur. Aan gember worden velerlei uitwerkingen toegedacht, waaronder

De inname van gember wordt over het algemeen als veilig beschouwd. Zwangere vrouwen die dagelijks niet meer dan één tot anderhalve gram gember nemen voor het verminderen van zwangerschapsmisselijkheid en braken lopen geen verhoogd risico op kinderen met aangeboren afwijkingen.