| Groene els | ||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Gebladerte van de groene els met vruchten. | ||||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||||
| Alnus viridis (Chaix) DC. (1805) | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
De groene els, bergels of alpenels (Alnus alnobetula, synoniem: Alnus viridis) is een soort uit de berkenfamilie. Binnen Centraal-Europa komt de groene els voor in de subalpiene zone van bergmassieven als de Alpen, Karpaten en Dinarische Alpen. In het westen van de Alpen komen ze vooral voor op een hoogte tussen de 1.000 en 2.000 meter, op natte noordelijke hellingen.
De soort heeft vaak een struikachtig voorkomen en doet denken aan een berk. De bladeren zijn breed, ovaal en de bladrand is scherp dubbelgetand. De onderkant is lichter dan de bovenzijde en is behaard over de nerven. De groene els heeft een kronkelige manier van groeien en wordt daardoor meestal niet hoger dan 2 meter.
Er worden vier tot zes ondersoorten onderscheiden, afhankelijk van de auteur worden sommige daarvan als aparte soort beschouwd: