Guillaume Stas

Guillaume Stas
Stas (litho van Henri Van der Haert)
Stas (litho van Henri Van der Haert)
Persoonsgegevens
Geboren Leuven, 13 juni 1802
Overleden Leuven, 28 april 1859
Geboorteland België
Opleiding en beroep
Beroep beeldhouwer
Links
RKD-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur
België
Marmeren buste van Jean-Baptiste Van Mons (1848), collectie Académie royale de Belgique

Guillaume Stas (Leuven, 13 juni 1802 – aldaar, 28 april 1859) was een Belgisch beeldhouwer. Hij wordt ook vermeld als Willem Stas.

Leven en werk

Guillaume Stas was een zoon van slotenmaker Jean Stas en Jeanne Josèphe De Mortier. Hij was een leerling van Geedts aan de Stedelijke Academie voor Schone Kunsten (1818-1821) in Leuven. Hij studeerde verder aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Brussel, waar hij les kreeg van de Franse beeldhouwer François Rude. Toen Rude in 1827 naar Parijs terugkeerde, ging Stas ook die kant op. Hij werkte er mee aan Rudes reliëf Het vertrek der vrijwilligers van 1792 voor de Arc de Triomphe. Later vestigde hij zich weer in Leuven. Als zelfstandig beeldhouwer kreeg hij vooral bekendheid door zijn bustes, van onder anderen zijn vader Jean Stas, broer Jean Servais Stas, de kunstenaar Henri Van der Haert, diens oom en peetvader Martin Van der Haert en zijn vrouw en Andreas Vesalius.

Salon van Brussel

Stas toonde zijn werk meerdere keren op de salons van Brussel. In 1827 nam hij er deel aan een concours met zijn gipsen werk Le guide de Bélisaire en pleurs. Hij ontving daarvoor een accessit. Het tafereel verwijst naar het verhaal van Byzantijnse generaal Belisarius, die volgens een legende zijn latere jaren blind en berooid doorbracht. Een aantal jaren eerder maakten Auguste Lambert Van Assche (1818) en Gilles-Lambert Godecharle (1822) een sculptuur van de generaal en zijn gids.

In 1836 nam Stas met onder anderen Gérard Buckens, Jozef Geefs, Louis Jéhotte, Eugene Simonis en Jean-Louis van Geel deel aan de salon. Hij toonde hij er een gipsen buste. Kunstcriticus Louis Alvin vond dat het gezicht was "vormgegeven met een groot gevoel voor eenvoud en waarachtigheid" en dat de huid levendigheid uitstraalde, maar dat het haar wat hard was weergegeven. Dat deed volgens Alvin afbreuk aan het werk "en heeft er zelfs toe geleid dat veel mensen de kwaliteiten die we zojuist hebben geprobeerd te benadrukken, niet hebben opgemerkt of herkend." Stas ontving er desondanks een bronzen medaille voor.

In 1839 toonde Stas op de salon gipsen bustes van kunstschilder Henri Van der Haert en hoogleraar Jean-Baptiste Van Mons. Bij zijn deelname in 1848 had hij een marmeren versie van de buste van Van Mons vervaardigd. De degelijke en strenge kenmerken van de school van Rude in dit werk werden gewaardeerd. In opdracht van Charles Rogier, minister van Binnenlandse Zaken, werd de buste toegevoegd aan de collectie van de Académie royale des sciences, des lettres et des beaux-arts de Belgique.

Guillaume Stas overleed op 56-jarige leeftijd.

Enkele werken

Zie de categorie Guillaume Stas van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.