Hapticiteit

Dit artikel gaat over de binding tussen een ligand en een centraal atoom. Voor gevoelswaarneming in de techniek, zie: Haptische waarneming.
In ferroceen komen twee η5-cyclopentadienylliganden voor.

De term hapticiteit wordt gebruikt in de beschrijving van het type binding in de coördinatiechemie tussen een centraal atoom, meestal een metaal, en een aaneengesloten groep atomen van een ligand. De hapticiteit van een ligand wordt met het Griekse teken 'eta', η aangeduid. In superscript volgt een getal dat aangeeft hoeveel atomen deel uitmaken van de coördinerende groep naar het metaal. In het algemeen wordt de η-notatie gebruikt als de elektronen die de binding verzorgen uit een moleculaire orbitaal afkomstig zijn in plaats van uit een atoomorbitaal, anders wordt de κ-notatie (kappa) gebruikt: zie Hapticiteit en Denticiteit.

Geschiedenis

De noodzaak voor een aanvulling op de nomenclatuur voor organometaalverbindingen wordt in het midden van de jaren 50 van de 20e eeuw duidelijk. Dunitz, Orgel, and Rich beschreven in die periode op basis van Röntgendiffractie de structuur van de "Sandwichverbinding" ferroceen waarin een ijzeratoom als het beleg in een sandwich tussen twee evenwijdige cyclopentadienylringen geplakt zit. Cotton stelde later de term hapticiteit voor. Het woord is afgeleid van het Griekse haptein, vastmaken. In de naamgeving wordt "hapto" voor de naam van het alkeen (meestal gaat het om alkenen) geplaatst. Bovendien werd voorgesteld de η (eta) symbool te gebruiken. De η wordt gecombineerd met een getal voor het aantal atomen dat bijdraagt aan de orbitaal waaruit de coördinerende elektronen afkomstig zijn. De term wordt vooral gebruikt bij uitgebreidere π-systemen of in gevallen waarbij agostische binding niet zonder meer duidelijk is uit de formule van het complex.

Historisch belangrijke verbindingen waarin de liganden via hapticiteit beschreven worden

Voorbeelden

De notatievorm met de η wordt voor veel coördinatieverbindingen gebruikt:

Opmerking: in brugvormende liganden kunnen ook andere manieren van overbrugging voorkomen dan via η-binding, bijvoorbeeld κ1,κ1, zoals in (Me3SiCH2)3V(μ-N2-κ1(N),κ1(N'))V(CH2SiMe3)3 waarin het distikstofmolecuul via zijn twee uiteinden aan de metaalatomen gekoppeld is (zie ook Hapticiteit en Denticiteit).

Door "π- liganden" gebruikte elektronen vs. hapticiteit

LigandElektron
bijdrage
(neutraal deeltje)
Elektron
bijdrage
(ionvorm)
η1 Allyl12
η3-Allyl
cyclopropenyl
34
η3-Allenyl34
η2-1,3-butadieen22
η4-1,3-butadieen44
η1-cyclopentadienyl12
η3-cyclopentadienyl34
η5-cyclopentadienyl
pentadienyl
cyclohexadienyl
56
η2-Benzeen22
η4-Benzeen44
η6-Benzeen66
η7-Cycloheptatrienyl76
η8-Cyclooctatetraenyl810

Veranderingen in Hapticiteit

De hapticiteit van een ligand kan tijdens het verloop van een reactie veranderen zoals in onderstaande redoxreactie waarbij een van de η6-benzeenringen omgezet wordt in een η4-benzeen:

Ook tijdens een substitutiereactie kan de hapticiteit reversibele wijzigingen ondergaan. In onderstaande reactie verandert de η5-cyclopentadienylring naar een η3-cyclopentadienylligand, waardoor aan het metaal ruimte ontstaat voor de 2 elektronen van een extra ligand 'L'. Het vervolgens afstoten van een molecuul CO opent daarna voor de cyclopentadienylligand de weg naar het herstellen van de uitgangssituatie: η5-cyclopentadienyl. Het indenyleffect bij substitutiereacties kan ook via wisseling van de hapticiteit in de ligand beschreven en verklaard worden.

Hapticiteit en Denticiteit

Hapticiteit en denticiteit zijn verwante, maar ook duidelijk verschillende begrippen. Voor polydentaat liganden geldt dat ze via meerdere punten in het molecuul bindingen naar het metaal kunnen vormen. In dat geval worden de verschillende coördinerende atomen met behulp van de κ-notatie geïdentificeerd, zoals in het voorbeeld van 1,2-bis(difenylfosfino)ethaan (Ph2PCH2CH2PPh2) dat aan NiCl2 koppelt tot dichloor[ethaan-1,2-diylbis(difenylfosfaan)-κ2P]nikkel(II). Als de coördinerende atomen direct aan elkaar gebonden zijn wordt de η-notatie gebruikt zoals bijvoorbeeld in titanoceendichloride: dichloorbis(η5-2,4-cyclopentadien-1-yl)titanium.

Zie ook: Hapticiteit en Moleculaire Orbitalen.

Hapticiteit en fluxionaliteit

Moleculen waarin polyhaptoliganden voorkomen vertonen vaak ook fluxionaliteit, dat wil zeggen dat de moleculen stereochemisch niet star zijn. Twee typen fluxionaliteit komen regelmatig voor in organometaalcomplexen met polyhaptoliganden:

Hapticiteit en Moleculaire Orbitalen

Het optreden van coördinatiebindingen laat zich goed verklaren met behulp van de kwantummechanica. Zowel voor "gewone" complexen als voor complexen die blijkbaar in staat zijn één metaalatoom aan soms wel 8 koolstofatomen te koppelen. De kwantummechanische benadering verloopt in twee stappen. Eerst worden de koolstoforbitalen van de ligand met elkaar gecombineerd tot moleculaire orbitalen. De laagst energetische banen worden met elektronen bezet. Vervolgens worden de moleculaire orbitalen gecombineerd met de orbitalen van het metaal die dezelfde symmetrie hebben. Zo kan benzeen, met drie gevulde moleculaire orbitalen, als drietandig ligand functioneren. Omdat alle koolstofatomen in benzeen bijdragen aan de moleculaire orbitalen ontstaat hiermee een hapticiteit van 6.