Henri Picard

Henri Picard
Picard in 1942
Picard in 1942
Algemene informatie
Geboortedatum 17 april 1916Bewerken op Wikidata
Geboorteplaats EtterbeekBewerken op Wikidata
Overlijdensdatum 25 maart 1944Bewerken op Wikidata
Overlijdensplaats PolenBewerken op Wikidata
Doodsoorzaak schotwondBewerken op Wikidata
Werk
Beroep pilootBewerken op Wikidata
Militair
Rang flight lieutenant
Conflict Tweede Wereldoorlog

Henri A. Picard (Etterbeek, 17 april 1916 - Görlitz, 25 maart 1944) was een Belgisch militair tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Levensloop

Picard studeerde in Boom, Brussel en Malonne, waarna hij in 1936 naar de Koninklijke Militaire School ging en toegevoegd werd aan de 82ste Promotie Infanterie-Cavalerie. Daar kwam hij bij de Ardeense Jagers, maar hij wilde eigenlijk leren vliegen.

Opleiding tot vliegenier

Vanaf 1 december 1938 ging hij naar de School van het Vliegwezen in Evere voor een opleiding tot waarnemer en per 3 januari 1939 ging Picard naar de Vliegschool in Wevelgem. Hij leerde vliegen in Avro 504N en SV 4B toestellen. Zijn vervolgopleiding was in Goetsenhoven, maar deze werd na de Duitse invasie van België eerst naar Frankrijk overgeplaatst en kort daarna naar Oujda in Marokko.

Piloot vanuit Engeland

Picard en 59 kameraden weigerden de Franse nederlaag in de Tweede Wereldoorlog te aanvaarden en verlieten Oujda met bestemming Casablanca. Met de 'David Livingstone' werden zij naar Gibraltar vervoerd, en vandaar met de 'Harison' naar Engeland. Daar kwamen zij op 14 juli 1940 aan. Na een opleiding van drie maanden werd Picard Piloot-Officier. Bij een van zijn vluchten haalde hij ter hoogte van Griz-Nez twee Focke-Wulf Fw 190 toestellen neer en werd later beloond met het Oorlogskruis met twee palmen. Tijdens Operatie Jubilee bij Dieppe haalde hij weer een dergelijk toestel neer.

Een week later voerde hij een escorteopdracht uit en werd aangevallen door twaalf FW190 toestellen, waarna hij als vermist werd opgegeven. Boven het Kanaal raakte hij ernstig aan zijn been gewond en verliet per parachute zijn toestel. Na vijf dagen spoelde hij met zijn dinghy aan op de Franse kust. Hij werd gevangengenomen en naar een hospitaal gebracht. Eenmaal hersteld werd hij naar Stalag Luft III gebracht.

Ontsnapping uit Stalag Luft

In Stalag Luft maakte Picard deel uit van de groep Piloot-Officieren die de Grote Ontsnapping organiseerden. In de nacht van 24 op 25 maart 1944 probeerden 220 gevangenen door een tunnel te ontsnappen. De tunnel bleek te kort waardoor die niet in het bos eindigde maar in een open veld. Desondanks wisten 76 gevangenen door de tunnel te kruipen en te ontsnappen, voordat deze tunnel ontdekt werd.

De Gestapo opende een klopjacht op de ontsnapte gevangenen. Slechts drie van hen bereikten uiteindelijk de vrijheid. Twee van de ontsnapten werden tijdens de vlucht al direct opgepakt, en eenentwintig werden binnen een paar uur gevonden en teruggebracht naar Stalag Luft III. De overige vijftig ontsnapte officieren werden overgedragen aan de Gestapo. In eerste instantie wilde Hitler alle 73 laten executeren, maar Himmler wist hem te overtuigen dit niet te doen. Generaal Arthur Nebe maakte een lijst van de 50 die zouden worden geëxecuteerd om als voorbeeld te dienen.

Picard werd in Schneidemühl gevangen en werd op 29 maart 1944 in de gevangenis van Görlitz door Gestapo kapitein Reinholt Bruchardt gefusilleerd. Zijn lichaam werd gecremeerd in Danzig. Hij ligt begraven op de Old Garrison Cemetry in Poznań. Picard was niet de enige Belg die uit het kamp Stalag Luft III ontsnapte. Voor 25 maart 1944 was Roger De Wever al ontsnapt en weer opgepakt. Hij werd daarna in een isoleercel geplaatst en kwam niet op de lijst van Nebe om gefusilleerd te worden.

Bronnen