Henryk Górecki

Henryk Górecki
Henryk Górecki
Henryk Górecki
Persoonsgegevens
Volledige naam Henryk Mikołaj Górecki
Geboortedatum 6 december 1933
Geboorteplaats CzernicaBewerken op Wikidata
Overlijdensdatum 12 november 2010
Overlijdensplaats KatowiceBewerken op Wikidata
Land Vlag van Polen Polen
Handtekening Handtekening
Opleiding en werk
Opleiding gevolgd aan Karol Szymanowski Muziekacademie Katowice, Szafrankowie Brothers State School of MusicBewerken op Wikidata
Beroep(en) Componist, muziekpedagoog
Genre(s) Klassiek
Act(s) Polish Academy of Learning, Union of Polish Composers, Klub Inteligencji KatolickiejBewerken op Wikidata
Label(s) NonesuchBewerken op Wikidata
Tijdlijn en statistieken
Jaren actief 1960 – 2010Bewerken op Wikidata
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Henryk Mikołaj Górecki (uitspraak: [ˈxɛnrɨk mʲiˈkɔwaj ɡuˈrɛtski]) (Czernica (Silezië), 6 december 1933 - Katowice, 12 november 2010) was een Poolse componist in de klassieke traditie en een muziekpedagoog. Górecki wordt beschouwd als een muzikale voorloper van de avant-garde en vond met zijn nadrukkelijk eenvoudige muziektaal en zijn religieuze composities een groot publiek.

Levensloop

Górecki studeerde in Katowice compositie aan de muziekacademie van Katowice bij Bolesław Szabelski, een leerling van Karol Szymanowski. Hij debuteerde in 1958 bij het belangrijkste Poolse festival voor nieuwe muziek, de "Warschause Herfst", met zijn werk Epitafium voor gemengd koor en ensemble. In het volgende jaar beleefde zijn 1e symfonie voor strijkorkest haar première.

Lange tijd werd Górecki's werk overschaduwd door dat van Krzysztof Penderecki en Witold Lutosławski, maar in de jaren 60 kreeg Górecki een reeks internationale onderscheidingen, waaronder de eerste prijs bij de Biënnale in Parijs en bij het Internationale Componisten Podium van de UNESCO.

Vanaf 1965 doceerde hij partituurspel en compositie aan zijn "alma mater", de muziekacademie van Katowice. In 1975 werd hij er directeur met de titel "professor". In 1979 nam hij echter ontslag als openlijk protest tegen de weigering van de autoriteiten van de toenmalige Volksrepubliek Polen om paus Johannes Paulus II in Katowice te ontvangen. Toen kort daarna de paus wel een bezoek aan Krakau mocht brengen, werd daarbij Górecki's voor deze gelegenheid geschreven psalm Beatus Vir uitgevoerd. Hij bleef kritiek uitoefenen op het communistische bewind en componeerde in 1981 zijn Miserere voor groot koor om aandacht te vragen voor het geweld dat tegen de beweging Solidarność was uitgeoefend. Voor een volgend bezoek van de paus aan Polen componeerde hij in 1987 het koorwerk Totus Tuus.

Zijn internationale doorbraak kwam in 1992 met de Symfonie nr. 3 Symfonią pieśni żałobnych (Symfonie van treurliederen), die hij al in 1976 gecomponeerd had in opdracht van de Südwestfunk Baden-Baden (voorganger van de huidige Südwestrundfunk). De opname hiervan werd een bestseller in een uitvoering met de London Sinfonietta en sopraan Dawn Upshaw onder leiding van dirigent David Zinman en belandde zelfs in diverse hitparades.

Voor Nederland was het dirigent Reinbert de Leeuw die een lans brak voor de componist en diens werk op het programma zette. In een documentairereeks van regisseur Frank Scheffer is hiervan verslag gedaan.

In 1994 werd Górecki eredoctor van de Universiteit van Warschau, in 2000 van de Jagiellonische Universiteit, Krakau en in 2004 van de katholieke universiteit van Lublin. Hij was ereburger van Rybnik.

Op 5 juni 2010 stond de wereldpremière van de Symfonie nr. 4 door het Radio Filharmonisch Orkest onder leiding van Jaap van Zweden gepland. Door ziekte was de componist niet in staat om dit werk te voltooien, in 2015 beleefde dit werk echter alsnog zijn première nadat zijn zoon Mikołaj Górecki het werk voltooide.

Stilistische ontwikkeling

Górecki begon eerst met dodecafonische werken, maar al spoedig ging hij over om ook andere parameters zoals ritmiek en dynamiek reekstechnisch te organiseren. Omstreeks 1965 stopte hij met het seriële componeren en begon hij het muzikale materiaal tot zo weinig mogelijk elementen te beperken. Repetitieve structuren, eenvoudige reekstechnieken, de bezinning op volksmuzikale of geestelijke bronnen bestempelden voortaan zijn werken. Het katholicisme is de basis van de meeste van zijn werken vanaf de jaren 70 en 80, werken die de tonaliteit weer brede ruimte geven.

Deze wending in zijn werk was verbonden met een voor een eigentijdse componist buitengewone populariteit. De traditie van de nationale Poolse muziek werd voor Górecki met de jaren steeds belangrijker. Werken als zijn Muzyka staropolska (Oude Poolse muziek) uit 1969 zijn de uitdrukking van deze verbondenheid met de traditie. Górecki was medegrondlegger van de Poolse School, samen met Krzysztof Penderecki.

Trivia

'Symfonie Nr. 3' is populair in de triphopscene. De Britse muziekgroep Lamb heeft een nummer dat 'Gorecki' is getiteld. De leadzangeres Louise Rhodes schreef het lied nadat ze was geïnspireerd door deze van de Poolse componist. Het 2e deel, Lento e Largo, van Symfonie Nr. 3 is te horen in de film Altiplano en staat ook de bijbehorende soundtrack. De uitvoering met Dawn Upshaw verwief grote bekendheid.

In 2014 gebruikt wordt er een versie gemaakt met Beth Gibbons van Portishead, in samenwerking met het Nationaal Symfonisch orkest van Polen. Deze wordt in 2019 uitgebracht als Henryk Górecki: Symphony No. 3 (Symphony of Sorrowful Songs).

Composities

Werken voor orkest

Symfonieën

  • 1959: Symfonia "1959" (nr. 1), voor strijkorkest en slagwerk, op. 14
  • 1972: Symfonia nr. 2 "Kopernikowska", voor sopraan, bariton, gemengd koor en groot orkest, op. 31 - tekst: (Latijn) inclusief Psalm Nr. 145, 6, 135 (verse 7-9) en een uittreksel uit het boek I van "De revolutionibus orbium caelestium" van Nicolaas Copernicus
  • 1976: Symfonia nr. 3 "Symfonia pieśni żałosnych (Symfonie van treurliederen)", voor sopraan en groot orkest, op. 36 - tekst: inclusief 15e-eeuwse klaagzang (lamentatie) van het Klooster van het Heilige Kruis (1e deel), de inscripties van een jonge gevangene in de muur van de cel in de Gestapo-gevangenis in Zakopane (2e deel) en een lied uit de regio Opole
  • 2010: Symfonie nr. 4, bij Górecki's dood onvoltooid - in 2011 voltooid en georkestreerd door zijn zoon Mikołaj Górecki

Concerten voor solo-instrument(en) en orkest

  • 1956: rev.1959 Piesni o radosci i rytmie (Liederen van vreugde en ritme), voor 2 piano's en kamerorkest, op. 7
  • 1980: Koncert na klawesyn (Concert), voor klavecimbel en strijkorkest, op. 40
  • 1992: Concerto-Cantata, voor dwarsfluit en orkest, op. 65

Andere werken voor orkest

  • 1960: Scontri, voor orkest, op. 17
  • 1963: Trzy utwory w dawnym stylu (Drie stukken in oude stijl), voor strijkorkest
  • 1964: Choros I, voor strijkorkest, op. 20
  • 1965: Refren (Refrein), voor orkest, op. 21
  • 1969: Muzyka staropolska (Oude Poolse muziek), voor orkest, op. 24
  • 1969: Canticuum graduum, voor orkest, op. 27
  • 1973: Trzy tance (Drie dansen), voor orkest, op. 34

Missen, cantates en gewijde muziek

Toneelmuziek

Werken voor koren

Vocale muziek

Kamermuziek

Werken voor orgel

Werken voor piano

Filmmuziek

Bibliografie