| Jaap Kramer | ||||
|---|---|---|---|---|
| Persoonsgegevens | ||||
| Geboren | Bolsward, 6 mei 1936 | |||
| Overleden | Groningen, 27 mei 2025 | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Beroep | illustrator, aquarellist, tekenaar, kunstschilder, kunstenaar | |||
| Werkveld | jeugdliteratuur | |||
| Floruit | 1956 | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Prijzen en erkenningen | Bulletje en Boonestaak Schaal (2008) | |||
| Links | ||||
| RKD-profiel | ||||
| Dbnl-profiel | ||||
| ||||
Klaas Jacob (Jaap) Kramer (Bolsward, 6 mei 1936 – Groningen, 27 mei 2025) was een Nederlandse illustrator, bekend om zijn omvangrijke oeuvre van kinder- en jeugdboeken, educatief materiaal en strips. Hij wordt gerekend tot de meest productieve en herkenbare illustratoren van Nederland in de tweede helft van de 20e eeuw en het begin van de 21e eeuw, met name binnen de christelijke uitgeverswereld.[bron?]
Kramer werd geboren in Bolsward als tweede kind in een gezin met acht kinderen. Zijn vader Ype Kramer was metselaar en zijn moeder Hieke Tuinstra stimuleerde de creativiteit van haar kinderen sterk. In de oorlogsjaren tekende de jonge Jaap veel, vaak in oude schriftjes vanwege papierschaarste. Hij bezocht de christelijke lagere school (C.V.O.) en volgde daarna de mulo, maar stopte na twee jaar.
Na zijn diensttijd werkte Kramer bij clichéfabriek De Poel (Reco Studios) in Groningen, waar hij onder meer de strip Pig en Peg maakte. Later werkte hij voor reclamebureaus en begon hij als freelancer. Hij illustreerde schoolboeken voor uitgeverijen als Jacob Dijkstra, Wolters-Noordhoff en Kok, en was jarenlang illustrator voor Malmberg-bladen zoals Okki en Taptoe.
Zijn doorbraak kwam in de jaren 1960 met de boeken van Piet Prins. Kramer werd diens vaste illustrator voor series als Snuf de Hond (9 delen), Daan en Sietze, Jeroen en Joost, Jack en Sheltie en anderen. Deze avonturenboeken, vaak met een christelijke of historische achtergrond, bereikten een groot lezerspubliek. Hij illustreerde ook werk van auteurs als Bert Wiersema, Gerbrand Fenijn, Henk Koesveld, L. Vogel en Jannie Koetsier-Schokker. In totaal illustreerde hij meer dan 550 boeken.
Kramer werkte veel voor christelijke uitgeverijen (De Vuurbaak, Den Hertog, De Banier, Kok, Gebr. Koster) en kranten zoals het Nederlands Dagblad en Reformatorisch Dagblad. Voor deze bladen maakte hij strips en illustraties, waaronder historische strips als Engelandvaarders (met K. Norel), Maarten Meulenberg (met Piet Prins) en Bren en de Romeinen (met Henk Koesveld). Hij illustreerde ook kinderbijbels en educatief materiaal.
Zijn stijl was traditioneel, herkenbaar en verhalend, met aandacht voor beweging, gezichtsuitdrukkingen en historische details. Hij werkte in diverse technieken (pen, penseel, aquarel, Oost-Indische inkt) en onderhield een uitgebreid archief voor referentie. Hij noemde zichzelf deels autodidact en liet zich inspireren door illustratoren als Isings, Jetses en Bottema.
Opvallend is dat de niet-kerkelijke Kramer uitgroeide tot dé illustrator bij uitstek van de reformatorische gezindte in Nederland.[bron?]
In 2008 ontving Kramer samen met Bob van den Born de Bulletje en Boonestaak Schaal, de hoogste Nederlandse onderscheiding voor stripmakers die een belangrijke bijdrage hebben geleverd aan het Nederlandse beeldverhaal.
In 2002 werd in het stadhuis van Bolsward een overzichtstentoonstelling aan zijn werk gewijd. Er verscheen een boek over hem: De illustrator geschetst. Het werk en leven van Jaap Kramer (David de Poel, 2005).
Jaap Kramer stelde in een interview met het Reformatorisch Dagblad in 2021 dat hij niemand kende die zo veel boeken had geillustreerd dan hij en dat het hem niet zou verbazen recordhouder te zijn.