| Jan V van Cuijk | ||
|---|---|---|
| 1355-1382 | ||
| Jan V, heer van Cuijk en Grave | ||
| Periode | 1363-1382 | |
| Voorganger | Jan IV van Cuijk | |
| Opvolger | Wenemar van Cuijk (1330-1390) | |
| Jan III, heer van Hoogstraten | ||
| Periode | 1363-1367 | |
| Voorganger | Jan IV van Cuijk | |
| Opvolger | Gerard III van Vorselaar | |
| Regent | Hendrik van Cuijk (1320-1371) | |
| Jan III, heer van Hoogstraten | ||
| Periode | 1381-1382 | |
| Voorganger | Gerard III van Vorselaar | |
| Opvolger | Jan IV van Hoogstraten | |
| Jan, heer van Asten | ||
| Periode | 1363-1380 | |
| Opvolger | Gerard van Berkel en Ricoud de Cocq | |
| Familie | ||
| Geboren | 1355 | |
| Overleden | 1382 | |
| Vader | Jan IV van Cuijk | |
Jan V van Cuijk (1355-1382) was heer van Cuijk, van Grave, van Asten en van Hoogstraten.
Zijn vader was Jan IV van Cuijk. Deze stierf toen Jan V acht jaar oud was. Zijn oom Hendrik van Cuijk (1320-1371) werd als voogd aangesteld. Uit oorkonden is geweten dat Hendrik afzag van zijn aanspraak op Cuijk, als Jan V afzag van zijn recht op Hoogstraten.
Na een periode van vier jaar werd het leen Hoogstraten wegens geldgebrek verkocht. Toen Jan V 26 jaar was, een jaar voor zijn dood, kocht hij Hoogstraten terug. Volgens afspraak werd Hoogstraten doorverkocht aan zijn neef Jan IV van Hoogstraten (1360-1442), zoon van Hendrik.
In 1380 reeds werd de heerlijkheid Asten verkocht aan Gerard van Berkel en Ricoud de Cock.
Na de dood van Jan V gingen de lenen Cuijk en Grave naar de oom Wenemar van Cuijk (1330-1390).