| Janet Nelson | ||
|---|---|---|
| Persoonlijke gegevens | ||
| Volledige naam | Janet Laughland Nelson | |
| Geboortenaam | Janet Muir | |
| Geboortedatum | 28 maart 1942 | |
| Geboorteplaats | Blackpool (Verenigd Koninkrijk) | |
| Overlijdensdatum | 14 oktober 2024 | |
| Land | ||
| Academische achtergrond | ||
| Alma mater | Newnham College, Universiteit van Cambridge | |
| Promotor | Walter Ullmann | |
| Wetenschappelijk werk | ||
| Vakgebied | Geschiedenis | |
| Universiteit | King's College London | |
| Instituten | Royal Historical Society | |
| Erkenning en lidmaatschap | ||
| Lid van | British Academy, Royal Historical Society, Amerikaanse Middeleeuwse Academie (2000) | |
Janet Laughland Nelson (Blackpool, 28 maart 1942 – 14 oktober 2024), ook bekend als Jinty Nelson, was een Brits historicus en hoogleraar middeleeuwse geschiedenis aan King's College London.
Janet Nelson werd geboren in een Schots gezin. Haar moeder Elizabeth Laughland werkte als lerares voor haar huwelijk en haar vader William Muir was huisarts. Ze verkreeg haar onderwijs aan Keswick School in Cumbria. Ze studeerde geschiedenis aan Newnham College van de Universiteit van Cambridge. Tijdens haar studie leerde ze de antropoloog Howard Nelson kennen. In 1965 traden ze in het huwelijk.
Nelson schreef haar proefschrift (PhD) onder hoogleraar Walter Ullmann aan de Universiteit van Cambridge. Net als hij interesseerde zij zich in vroegmiddeleeuwse inauguraties en kroningen. Desondanks zette zij zich af tegen zijn werk over het Karolingische Rijk. Nelson beargumenteerde dat dit niet de benodigde macht bezat om een culturele renaissance vorm te geven. In haar ogen was de Karolingische renaissance dan ook geen beslissend moment in de culturele geschiedenis van Europa.
Voor haar academische carrière werkte ze korte tijd voor het Britse Ministerie van Buitenlandse Zaken. In 1970 kreeg Nelson een aanstelling bij King's College London en in 1993 verkreeg ze daar de positie van hoogleraar. Daarnaast vervulde Nelson wetenschappelijke bestuursfuncties. In de periode 1993-1994 was ze voorzitter van de Ecclesiastical History Society. Van 2001 tot 20225 was Nelson de eerste vrouwelijke voorzitter van de Royal Historical Society. Ze was in de periode 2000-2001 vicevoorzitter van de British Academy. In 2006 verkreeg ze de Orde van het Britse Rijk (OBE) voor haar inzet voor de studie van de geschiedenis.
Haar eerste boek, een biografie over Karel de Kale, verscheen in 1992. Haar laatste boek King and Emperor: A New Life of Charlemagne uit 2019 was de culminatie van veertig jaar onderzoek. In totaal schreef ze meer dan 140 artikelen.
De Royal Historical Society heeft de Jinty Nelson Teaching Fellowships naar haar vernoemd.