| Jean-Antoine Chaptal | ||
|---|---|---|
| Persoonlijke gegevens | ||
| Geboortedatum | 5 juni 1756 | |
| Geboorteplaats | Saint-Pierre-de-Nogaret | |
| Overlijdensdatum | 29 juli 1832 | |
| Overlijdensplaats | Parijs | |
| Academische achtergrond | ||
| Alma mater | Faculté de médecine de Montpellier | |
| Promotor | Antoine Lavoisier | |
| Wetenschappelijk werk | ||
| Vakgebied | scheikunde | |
| Erkenning en lidmaatschap | ||
| Ambt | Minister van Binnenlandse Zaken (7 november 1800 – 7 augustus 1804), Member of the Chamber of Peers (5 maart 1819 – 29 juli 1832), member of the Sénat conservateur (7 augustus 1805 – 14 april 1814), Peer of France (2 juni 1815 – juli 1815), president van de Franse Academie van Wetenschappen (1802 – 1803), president van de Franse Academie van Wetenschappen (1 januari 1825 – 31 december 1825) | |
| Lid van | Royal Society, Société Philomathique de Paris, Academie van Nuttige Wetenschap, Russische Academie van Wetenschappen, Academie des sciences, Russische Academie van Wetenschappen, Académie Nationale de Médecine, Beierse Academie van Wetenschappen en Geesteswetenschappen, Société d'encouragement pour l'industrie nationale, Turijnse Academie van Wetenschappen (20 november 1783), Göttinger Academie van Wetenschappen | |

Jean-Antoine Chaptal, Graaf van Chanteloup (Nojaret, 3 juni 1756 — Parijs, 30 juli 1832) was een Franse scheikundige en staatsman.
Chaptal bedacht een werkwijze om aluin te vervaardigen en ook een werkwijze om katoen te verven. Hij beschreef de transformatie van suikers in alcohol, en legde daarmee de basis van de wetenschappelijke benadering van het maken van wijn. Zijn naam leeft voort in de term "chaptaliseren"; het toevoegen van suiker aan de most tijdens de vinificatie.
Hij was minister onder Napoleon, en is een van de 72 Fransen wier namen in reliëf op de Eiffeltoren zijn aangebracht. Zijn naam is verbonden aan het besluit Chaptal uit 1801 dat leidde tot de oprichting van regionale musea in diverse steden in het toenmalige Frankrijk, onder andere in Brussel.