| Jean Crocq | ||
|---|---|---|
| Algemene informatie | ||
| Geboren | 23 januari 1824 Stedelijk gebied Brussel | |
| Overleden | 18 september 1898 Brussel | |
| Geboorteland | ||
| Beroep | Politicus | |
Jean Joseph Crocq (Brussel, 23 januari 1824 - 18 september 1898) was een Belgisch medicus, hoogleraar en senator.
Crocq was de zoon van mijnbeheerder Jean-Baptiste Crocq en van Marie-Thérèse Ledent. Hij trouwde met Marie-Elisabeth Christiaens.
Hij studeerde aan de Rijksuniversiteit Gent, maar haalde zijn promotie tot doctor in de genees-, heel- en verloskunde in 1848 aan de ULB. Datzelfde jaar verwierf hij het aggregaat bij de faculteit geneeskunde aan dezelfde universiteit.
Hij werd buitengewoon (1855-1863) en gewoon (1863-1898) hoogleraar aan de faculteit geneeskunde van de ULB. Hij werd ook buitengewoon (1850-1863) en gewoon (1863-1864) hoogleraar mineralogie en geologie aan de faculteit wetenschappen van de ULB.
In 1849 werd hij arts voor de armen van de burgerlijke godshuizen van Brussel. Hij werd chirurg in de Grand Hospice de l'Infirmerie (1855-1860), geneesheer in het Sint-Pietersziekenhuis (1860), geneesheer in het Sint-Janshospitaal (1860-1885), hoofdgeneesheer in het ziekenhuis van Sint-Jans-Molenbeek (1885).
Andere activiteiten in de geneeskunde:
Crocq doorliep ook een politieke carrière. Van 1872 tot 1876 was hij provincieraadslid voor Brabant.
In 1870 was hij gedurende een maand senator, in opvolging van de ontslagnemende Jean Barbanson. In 1877 volgde hij Louis de Merode op en behield het mandaat tot in 1888. In 1892 werd hij opnieuw senator, tot einde 1894.
Hij was verder:
Crocq was aangesloten bij de vrijzinnige protestantse kerk in Brussel.
De Jean Joseph Crocqlaan in Laken-Brussel en de Crocqstraat in Sint-Lambrechts-Woluwe zijn naar hem genoemd.