De Meij studeerde pedagogiek en voltooide deze studie met het diploma. Zijn muzikale carrière begon als trombonist toen hij vijftien jaar oud was bij de Harmonie Forum Hadriani te Voorburg. Aansluitend was hij jarenlang lid van Hofstads Jeugdorkest. In deze tijd was hij een leerling van Anne Bijlsma sr. en Piet van Dijk voor trombone en eufonium. In 1976 ging hij in militaire dienst en maakte hij deel uit van het fanfareorkest Trompetterkorps der Cavalerie in Amersfoort. Na de militaire dienst in mei 1977 werd hij eufoniumspeler bij de Amsterdamse Politiekapel, toen onder leiding van Karel Kokelaar.
De Meij speelde een belangrijke rol bij het professioneel Haags Koper Ensemble, met blazers uit het Radio Filharmonisch Orkest, het Utrechts Symfonie Orkest en het Residentie Orkest. Dit ensemble gaf landelijke concerten en was regelmatig op de radio te beluisteren. Voor dit ensemble verrichtte hij niet alleen administratief werk, maar schreef hij ook speciale arrangementen en een compositie.
De arrangementen die De Meij maakte voor harmonie- en fanfareorkesten werden reeds spoedig niet alleen bij de Amsterdamse Politiekapel uitgevoerd, maar ook bij vele orkesten in binnen- en buitenland. Hij kreeg contact met De Haske, een bekende muziek-uitgeverij en kreeg diverse opdrachten om voor harmonie- en fanfareorkesten te arrangeren. Zijn eerste symfonie The Lord of the Rings voor symfonisch blaasorkest ging in première bij het Groot Harmonieorkest van de Belgische Gidsen onder leiding van Norbert Nozy. Het werd daarna populair dankzij de cd waarop het werk door de Koninklijke Militaire Kapel onder leiding van Pierre Kuijpers gespeeld wordt. De symfonie, gebaseerd op motieven uit de gelijknamige roman van J.R.R. Tolkien, werd 1989 met de gerenommeerde Amerikaanse Sudler Composition Award onderscheiden. Op 25 november 2007 ontving De Meij de tweejaarlijkse Prijs Nederlandse Blaasmuziek.
Voor de uitgave van zijn eigen composities richtte De Meij een eigen uitgeverij op.
1995Polish Christmas Music - Part 1 - gebaseerd op de Poolse kerstliederen: Poklon Jezusowi; Mizerna, cicha; Aniol pasterzom mówil; Gdy sliczna Panna and Jam jest dudka
Wolfgang Suppan, Armin Suppan: Das Neue Lexikon des Blasmusikwesens, 4. Auflage, Freiburg-Tiengen, Blasmusikverlag Schulz GmbH, 1994, ISBN 3-923058-07-1
David M. Cummings, Dennis K. McIntire: International who's who in music and musician's directory (in the classical and light classical fields), Twelfth edition 1990/91, Cambridge, England: International Who's Who in Music, 1991. 1096 p., ISBN 0-948875-20-8
Paul E. Bierley, William H. Rehrig: The heritage encyclopedia of band music: composers and their music, Westerville, Ohio: Integrity Press, 1991, ISBN 0-918048-08-7
↑Extreme Make-over muzikale metamorfoses over verschillende thema's van Pjotr Iljitsj Tsjaikovski. In het stuk komt thematisch materiaal voor uit onder andere het tweede deel uit het Strijkkwartet Nr. 1 in D-groot, op. 11 uit 1871 ("Andante cantabile"), uit de Ouverture 1812 en uit de Romeo en Julia-suite. Origineel geschreven voor Brassband, als verplicht werk (test-piece) in opdracht geschreven voor de Europese Brassband Kampioenschappen (EBC) van 2005 in Groningen. Daarna bewerkt en uitgegeven in zowel harmonie- als fanfarebezetting.