Kenosis (Grieks: κένωσις, kénōsis) is in de christelijke theologie het 'ontledigen' van Jezus' eigen wil en volledig ontvankelijk worden voor Gods goddelijke wil.
Het Nieuwe Testament gebruikt niet het zelfstandig naamwoordkénōsis, maar het werkwoordkenóō komt vijf keer voor (Rom. 4: 14, 1 Kor. 1:17, 9:15, 2 Kor. 9:3, Fil. 2:7). Van deze vijf keer is het Fil. 2:7 waarin wordt gezegd dat Jezus "zichzelf heeft geleegd", wat het uitgangspunt is van christelijke ideeën over kenosis.
↑A.M. Brouwer geeft als mogelijke vertaling voor ekenosen naast "ontledigen" ook "vernieuwen", zie A.M. Brouwer: Verzoening, Neerbosch' Boekhandel en Uitgeverij, Neerbosch 1947. p. 168; verg. ook de aantekening bij Fil. 2:7 in diens Nieuwe Testament met Aanteekeningen, A.F. Sijthoff's Uitgeversmij. N.V., Leiden 1938, p. 488
Geplaatst op: 27-06-2026
Dit is een beginnetjeover religie. U wordt uitgenodigd om op bewerken te klikken om uw kennis aan dit artikel toe te voegen.