Kindermarteling is het systematisch kwellen van een kind of adolescent. Het is een categorie van kindermishandeling waarbij de dader plezier ontleent aan de macht over het kind. Dit in tegenstelling tot het gebruikelijke beeld van mishandeling, waarbij vaak sprake is van impulsief geweld en verwaarlozing, en van onmacht bij de daders.
Ook andere mensen en instanties maken zich eraan schuldig, maar dit artikel gaat in op kindermarteling in de thuissituatie. Dit is zeldzaam, maar verwoestend voor de lichamelijke en psychosociale ontwikkeling.
Pas in de 21e eeuw wordt duidelijk dat kindermarteling een fenomeen is met eigen kenmerken en niet enkel een zware vorm van mishandeling is.
Afbakening
Moeder van zwakzinnig meisje bij deur met gat erin, waardoor ze haar eten aanreikte. Het meisje werd opgesloten gehouden en mishandeld door haar vader. Nederland, 1936.Het mishandelde meisje
Een scherpe afbakening is er niet en verwaarlozing kan overgaan in marteling, zoals in de Amerikaanse zaak-Turpin. Verschillende definities hebben twee punten gemeen:
Het opzettelijk toebrengen van hevige pijn en leed, zonder aandacht voor de mate van verwonding.
Typerende vormen zijn: slaan en verwonden; vastbinden, opsluiten en isoleren; schreeuwen, schelden en vernederen; ontzegging van eten of drinken of het geven van ongeschikt eten; weigering van sociale interactie; het kind in viezigheid laten leven en het onthouden van medische zorg. Veel martelingen zijn tevoren overdacht en ze worden gericht op meerdere levensgebieden.
Incidentie en ontdekking
Marteling is veel zeldzamer dan mishandeling, maar de bekende gevallen vormen het topje van de ijsberg: de daders verbergen en verbloemen hun gedrag en kinderen worden vaak niet geloofd. Zij lopen in veel gevallen een psychotrauma op dat nog tientallen jaren kan doorwerken.
Als de situatie aan het licht komt, is dat vaak doordat onderwijzers in vertrouwen genomen worden of signalen oppikken, maar ook buren kunnen een rol spelen. In veel gevallen zijn eerdere rapportages genegeerd of niet goed afgehandeld, mede doordat men geen geloof hecht aan de verhalen over onwaarschijnlijke wreedheid.
Wetenschap
Pas in de 21e eeuw zijn er studies verschenen die zich richten op kindermarteling in thuissituaties, al was er wel anekdotisch bewijs voor extreme vormen van mishandeling. Wetenschappelijke en journalistieke onderzoeken zijn vaak verkennend en baseren zich op kleine aantallen, waardoor de gevonden resultaten niet per se representatief zijn. Een Amerikaanse schatting geeft aan dat een à twee procent van de mishandelingen in de gezinssfeer te kwalificeren is als marteling.
In Nederland is er geen systematische registratie, signalering of gericht onderzoek. In rechtbankverslagen vond de NOS met behulp van AI twaalf gevallen in vijf jaar.
Daders
Amerikaans onderzoek geeft aan dat marteling in gezinssituaties meer voorkomt bij kinderen die niet bij hun biologische ouders wonen. Veel daders waren al eerder in beeld van instanties voor kinderbescherming. Mogelijk zijn daders vaker vrouwen, maar zij worden minder snel opgemerkt, omdat men zulk geweld niet van hen verwacht. In Nederland werd een meisje opgesloten, moest ze urenlang naakt op het dak staan en kreeg ze dagenlang geen eten, terwijl ze toe moest kijken hoe de gezinsleden aten. Toch werd ze steeds naar haar moeder teruggestuurd.
Het blijkt heel moeilijk tot onmogelijk te zijn om daders van langdurig en wreed geweld te begeleiden naar verantwoord ouderschap en er is het risico dat zij zich richten op andere kinderen in de familie. Dit in tegenstelling tot andere vormen van mishandeling, waar training in impulsbeheersing en opvoedvaardigheden effectief kan zijn.
Bekende gevallen
Dit overzicht is onvolledig en weinig systematisch, omdat niet duidelijk is welke factoren ertoe leiden dat een zaak in de publiciteit komt. Ook is de publiciteit vaak lokaal.
Het jaartal geeft aan wanneer de zaak openbaar werd. In de zaak-Turpin duurden de mishandelingen al decennia.
2018: Zaak-Turpin, Perris (Californië) – dertien kinderen en volwassenen werden opgesloten in een stacaravan, kregen te weinig te eten en leefden in de stank van uitwerpselen; sommigen werden vastgebonden op bed. Hun lichamelijke en geestelijke ontwikkeling was ernstig achtergebleven. Soms marcheerden ze urenlang in ganzenpas.
2024: Pleeggezin Vlaardingen, Vlaardingen (Nederland) – Eigenlijk twee zaken: twee Syrische broertjes werden uit het gezin gehaald toen bleek dat ze ondervoed en mishandeld werden en in een hondenhok sliepen. Toch worden er in 2021 twee meisjes geplaatst. De oudste had botbreuken, werd opgesloten in een kooi en moest naakt in de tuin staan. In 2024 bracht de pleegvader haar bewusteloos naar het ziekenhuis. Ze heeft ernstig en blijvend hersenletsel.
2024: Huis van terreur, Poppel (België) – Zes kinderen werden met allerhande voorwerpen geslagen door hun vader en oma. Ze moesten hun haar lang dragen, zodat eraan getrokken kon worden. Ook werden ze uitgescholden, vernederd en bedreigd.
2026: Hamden-16, Hamden (Ohio) – zestien kinderen leefden opgesloten in een kamer van dertien vierkante meter tussen uitwerpselen, terwijl hun ouders contacten met de overheid en medische hulp vermeden.
Sopaka was een zevenjarig jongetje dat gered werd door Boeddha. Het verhaal heeft uiteenlopende varianten, maar in een ervan werd Sopaka mishandeld door zijn wrede stiefvader. Die werd razend toen hij huilde, waarna het jongetje het huis uitvluchtte. Hij werd echter achterhaald op een plaats waar lijken achtergelaten werden om te ontbinden, ten prooi aan roofdieren. Hij werd vastgebonden aan een lijk, maar Boeddha ontdekte zijn ellende en bevrijdde hem en Sopaka bereikte uiteindelijk de hoogste graad van verlichting.
Het sprookje van Assepoester heeft onder andere in de versie van Grimm verscheidene elementen van onderwerping en ontmenselijking.
Christina van Bolsena bekeerde zich tot het christendom, maar werd gemarteld om haar wil te breken, zodat ze zou offeren aan de goden van haar vader.