| Koebanschild | ||||
|---|---|---|---|---|
Het Koebanschild | ||||
| Uitgereikt door | ||||
| Type | Ereteken | |||
| Bestemd voor | Wehrmacht-personeel | |||
| Uitgereikt voor | Voor de verdediging van het Koebanbruggenhoofd | |||
| Status | In onbruik geraakt | |||
| Beschrijving | Zie ontwerp | |||
| Statistieken | ||||
| Instelling | 20 september 1943 | |||
| Totaal uitgereikt | ca. 50.000 | |||
| Volgorde | ||||
| Volgende (hoger) | Geen | |||
| Gelijkwaardig | Krimschild, Narvikschild | |||
| Volgende (lager) | Geen | |||
| ||||
Het Koebanschild (Duits: Kampfabzeichen für Kuban) was een Kampfabzeichen (gevechtsinsigne) die op 20 september 1943 door Adolf Hitler werd ingesteld.
Het schild was voor het Wehrmacht-personeel die vochten aan het Koebanbruggenhoofd in Rusland (Oostfront).
Het ontwerp is hetzelfde als van het Krimschild. Bovenaan het schild staat een Duitse adelaar van de Wehrmacht met hakenkruis. Aan weerszijden van de krans bevinden zich de cijfers 19 en 43. Direct onder de adelaar is in blokletters KUBAN aangebracht. Daaronder staat een gestileerde kaart van de Koeban-regio. Op de kaart is de verdedigingslinie weergegeven die de soldaten probeerden te behouden. Drie plaatsen binnen het bruggenhoofd zijn daarbij gemarkeerd: KRYMSKAJA, LAGUNEN en NOWOROSSIJSK.
Het schild is vanaf de onderkant gemeten 62 millimeter lang en 52 millimeter breed. De stoffen ondergrond was 64 millimeter lang en 77 millimeter breed. Het werd van staalplaat, later fijn zinkplaat vervaardigd. Ailsby vermeldt: het schild in brons vervaardigd.
Meestal werd het schild via het stukje stof op de achterkant aan de mouw vastgenaaid, soms werd de stof verwijderd en het schild rechtstreeks op de mouw gepind.
De kleur van de achtergrond stof gaf aan tot welke militaire onderdeel de ontvanger behoorde:
Het mocht ook als miniatuurversie op burgerkleding gedragen worden.
De gedecoreerde kreeg het schild samen met een toekenningsbewijs (Besitzzeugnis) wat ondertekend was door de Generalfeldmarschall Ewald von Kleist.
Op 20 september 1943 werd in het Reichsgesetzblatt de instellingsbeschikking voor het Koebanschild gepubliceerd.
De kwalificatie voor de toekenning van het Koebanschild:
De kwalificatie van leden van de Kriegsmarine en Luftwaffe werd vastgesteld door middel van een puntensysteem, waarbij punten werden toegekend voor uiteenlopende operaties tegen, en contact met, de vijand.
Het Koebanschild werd op de linkerbovenarm gedragen. De achtergrond komt overeen met het militaire onderdeel. Het schild kon ook worden gedragen op alle uniformen van de nazi-partij en de organen van de Duitse staat. Op burgerkleding mocht een gereduceerde uitvoering van het schild worden gedragen op het linker revers. Soldaten met meerdere schilden (het Krimschild, Narvikschild en Demjanskschild) droeg het oudste schild op zeven centimeter van de aanhechting van de linkermouw. Het tweede schild werd vlak daaronder gedragen. Leden van de SS droegen het schild boven de SS-adelaar, tenzij er meerdere schilden ontvangen waren, dan kon deze onder de adelaar gedragen worden.
Ongeveer 50.000 militairen kwamen in aanmerking voor het schild, waarbij aan elke ontvanger tot vijf exemplaren werden uitgereikt, zodat deze blijvend op elke tuniek en overjas konden worden bevestigd.

Dit schild is van een hakenkruis voorzien. Als gevolg daarvan is het verzamelen, tentoonstellen en verhandelen ervan in Duitsland aan strenge wettelijke regels onderworpen.
De geallieerde mogendheden hebben na de bezetting van Duitsland het dragen van alle Duitse orden en onderscheidingen, dus ook die uit het Duitse Keizerrijk van vóór 1918, verboden. Dat verbod is in de DDR altijd van kracht gebleven. Op 26 juli 1957 vaardigde de Bondsrepubliek Duitsland een wet uit waarin het dragen van onderscheidingen met daarop hakenkruizen of de runen van de SS werd verboden. Het dragen van dit insigne werd net als het dragen van de Orde van Verdienste van de Duitse Adelaar en het Ereteken voor de 9e november 1923, de zogenaamde "Bloedorde", streng verboden. Ook het verzamelen, tentoonstellen en afbeelden van de onderscheiding werd aan strenge regels gebonden. Een aantal onderscheidingen werd ontdaan van de hakenkruizen en soms van hakenkruis en adelaar. In deze gedenazificeerde uitvoering mochten de onderscheidingen worden gedragen. Ook met het Koebanschild is dat het geval.