| Mars 4 | ||||
|---|---|---|---|---|
De Mars 4-sonde | ||||
| Organisatie | Sovjet-Unie | |||
| Hoofdaannemer | Lavotsjkin | |||
| Missienaam | Mars 4 / M-73 No.52S / 06742 | |||
| Lanceringsdatum | 21 juli 1973 | |||
| Lanceerbasis | Tjoeratam, Bajkonoer | |||
| Draagraket | Proton | |||
| Massa | Leeg 2270 kg, afgetankt 3440 kg | |||
| Doel | Mars | |||
| Fly by | 10 februari 1974 op 1844 km | |||
| ||||
Mars 4 (Russisch: Марс 4) was een onbemande ruimtevlucht van de Sovjet-Unie naar de planeet Mars uit 1973. Doel was om vanuit een omloopbaan onderzoek te doen naar de rode planeet en dienen als radiostation tussen landers en vluchtleiding. Deze missie was onderdeel van de gecombineerde Mars 4, 5, 6 en 7 missie.
De Sovjet-Unie verloor eind jaren zestig de maanrace. Een zachte landing op een andere planeet uitvoeren was echter nog geen van beide supermachten gelukt. Het land was er dan ook op gebrand om ditmaal wél succes te boeken. En met reden: de Sovjet-Marssondes uit de jaren zestig mislukten door botte pech, maar waren vanuit technisch oogpunt hun tijd ver vooruit. Ook Mars 2 en 3 kenden weinig succes, opnieuw door domme pech. Ten tijde van de landing ging de rode planeet gebukt onder een enorme stofstorm. Geldgebrek dwong NASA om het lanceervenster van 1973 over te slaan. Dit bood de Sovjets een uitgelezen kans om de Amerikanen te snel af te zijn. De Sovjet-Unie greep deze mogelijkheid met beide handen aan en investeerde grote bedragen in vier zware verkenners.
Het lanceervenster voor een vlucht naar Mars was in 1973 echter ongunstiger dan in 1971. Hierdoor kon de draagraket veel minder nuttige lading richting Mars schieten. De Mars 2 en 3 beschikten over zowel een lander als voldoende brandstof om af te remmen en in een omloopbaan rond de rode planeet te geraken; dit scenario bleek nu onhaalbaar. De Sovjets bouwden daarom vier verkenners. De Mars 6 en 7 hadden een landingsschotel, die zij tijdens passage afschoten waarna ze in de vrije ruimte verdwenen. De Mars 4 en 5 daarentegen beschikten niet over landers; in plaats daarvan beschikten zij over een grote hoeveelheid brandstof voor de afremprocedure.
De constructie van de vier sondes vond onder grote tijdsdruk plaats; de gevolgen waren er dan ook naar. Technici ontdekten een groot probleem. De 2T312 transistor waarmee alle vier sondes waren uitgerust bleek na anderhalf tot twee jaar onbetrouwbaar. Dit was het geplande tijdstip van aankomst bij Mars. Men beraadslaagde wat te doen. De verantwoordelijken schatten de kans op succes op hooguit 50%. Maar politici gaven te verstaan dat de missies doorgang vonden, punt uit. De kans om Amerika een loer te draaien bleek te verleidelijk.
Mars 4 was toegerust met zonnepanelen voor elektriciteit en onderhield middels een schotelantenne contact met de Aarde. Leeg had het vaartuig een massa van 2270 kg, afgetankt bedroeg dit 3340 kg.
Mars 4 werd gelanceerd op 21 juli 1973 vanaf Tjoeratam te Bajkonoer met een Proton draagraket. Deze bracht de verkenner eerst in een parkeerbaan met een apogeum van 179 km, een perigeum van 147 km en een omlooptijd van 87,5 minuten. De inclinatie bedroeg 51,5° bij een excentriciteit van 0,00245. Van daaruit schoot de laatste trap het ruimtevaartuig op koers naar Mars. Op 30 juli 1973 voerde het toestel een koerscorrectie uit. Echter, de politici hadden de waarschuwing van de ontwerpers beter ter harte genomen. Twee van de drie kanalen van de boordcomputer raakten defect door de onbetrouwbare transistors. Dit maakte een tweede koerscorrectie onmogelijk.
Op 10 februari 1974 bereikte Mars 4 zijn doel. Het vaartuig slaagde er niet in om in een baan rond Mars te komen. Door de storing in de boordcomputer functioneerde de remraket niet. Mars 4 vloog de rode planeet om 15.34 uur UTC voorbij op een afstand van 1844 km. Wel reageerde Mars 4 op commando's van de vluchtleiding en zwenkte in een andere positie. Om 15.32.41 uur UTC activeerde de verkenner zijn camera's; zo verkreeg men toch nog enige foto's. Het maken van de opnames duurde slechts zes minuten. Mars 4 zond twee panoramafoto's en twaalf groothoekopnames (allen met rood filter) naar de Aarde. Helemaal zonder wetenschappelijke waarde bleef deze missie niet. De door radio-occultatie aangeleverde gegevens leverden een eerste blik op de Martiaanse ionosfeer aan de nachtzijde van de planeet.
Na de passage kwam het vaartuig in een heliocentrische baan en verzamelde informatie over de interplanetaire ruimte. Mars 4 draait momenteel om de zon met een apoapsis van 1,63 AE en een periapsis van 1,02 AE bij een omlooptijd van 556 dagen en een inclinatie van 2,2°.
Niet alleen Mars 4 mislukte: ook het resterende trio kende weinig succes. De behaalde wetenschappelijke resultaten, afgezet tegen de grote geleverde technische en financiële inspanningen, waren uiterst pover. Eind 1973 belegde het nieuwe hoofd van het Ruimteonderzoek Instituut een vergadering. In eerste instantie meenden de aanwezigen dat het Sovjet-Marsprogramma best kon worden voortgezet. Maar hun directe concurrenten zaten niet stil, hadden betere ruimtevaarttechnologie en daarnaast veel meer geld beschikbaar (800 miljoen dollar tegen 100 miljoen roebel voor een missie). Bovendien stuurden de Amerikanen tijdens het volgende lanceervenster ongetwijfeld hun Viking 1 en 2 op pad. De verkenning van de rode planeet bleek technisch een brug te ver. De Sovjet-Unie verlegde haar aandacht daarom naar Venus met het Veneraprogramma. Zo werd Mars het domein van de Verenigde Staten.