| Metalen Kruis 1830-1831 | ||||
|---|---|---|---|---|
Het Metalen Kruis (links) | ||||
| Uitgereikt door | ||||
| Type | Militaire onderscheiding, brons | |||
| Bestemd voor | Toekenning aan hen die hadden deelgenomen aan de Tiendaagse Veldtocht. | |||
| Uitgereikt voor | Militair personeel | |||
| Status | Wordt niet meer uitgereikt | |||
| Statistieken | ||||
| Eerst uitgereikt | 12 september 1831 | |||
| Totaal uitgereikt | Vele duizenden | |||
| Volgorde | ||||
| Gerelateerd | Metalen Kruis Vrijwilligers 1830-1831 | |||
| ||||

Het Metalen Kruis 1830-1831 is een Nederlandse onderscheiding en ereteken dat in 1831 werd toegekend aan hen die aan de Tiendaagse Veldtocht hadden deelgenomen. Het werd ingesteld door Koning Willem I bij Koninklijk Besluit no. 70 van 12 september 1831 en uitgereikt aan allen die in het leger of de Koninklijke Marine aan de krijgsverrichtingen in de jaren 1830 en 1831 hebben deelgenomen.
Het ontstaan van het idee voor het Metalen Kruis geschiedde in 1831 toen het brons voor het kruis, dat was afkomstig was van vijf kanonnen die buit waren gemaakt tijdens de Slag om Hasselt, een Nederlandse overwinning op 8 augustus 1831, op 12 september werden omgesmolten op besluit van koning Willem I. Het Metalen Kruis staat ook wel bekend als het Hasseltkruis.
Dragers van het Metalen Kruis werden in de volksmond ridders van het Metalen Kruis genoemd. Dit predicaat komt veelvuldig voor in krantenberichten, verhalen en op grafzerken. Waarschijnlijk gebeurde dit naar voorbeeld van ridders in de Militaire Willems-orde al is van een dergelijke orde geen sprake. Bekende dragers van deze onderscheiding zijn onder andere de letterkundige Jan Goeverneur en de militair arts Antonius Mathijsen, de uitvinder van het gipsverband. Er zijn vele duizenden metalen kruisen uitgereikt; de onderscheiding is daarom niet bijzonder kostbaar.
Het Metalen Kruis, gedragen door de prins van Oranje (de latere koning Willem II), is op 10 april 1849 door Prins Hendrik der Nederlanden gehecht aan het vaandel van het Regiment Grenadiers en Jagers. Dat wil zeggen dat het Bronzen Kruis aan een lang lint in de kleuren van de onderscheiding, een zogenaamde cravatte, aan de stok van het vaandel werd gebonden.
Op 24 oktober 1881 werd in Amsterdam tijdens het vijftigjarig bestaan van het Metalen Kruis, meerdere kruizen bij koninklijk besluit uitgereikt door koning Willem III aan participanten van de Tiendaagse Veldtocht. Het vijftigjarig bestaan kon destijds niet worden gevierd op 12 september, de dag waarom koning Willem I het besluit tekende dat ervoor zorgde de veroverde kanonnen zouden worden omgesmolten tot een ereteken, vanwege het overlijden van prins Frederik. Hoewel niet iedereen aanwezig kon zijn om deze mijlpaal te vieren, waren zo'n 300 à 400 veteranen gekomen en ontvangen in de feestelijk ingerichte grote koningszaal van Artis. Gedurende het feest werden een aantal toespraken gehouden door Jacques van Marken en Norman MacLeod en speelde een orkest het Wilhelmus. Tot slot werd nog besloten om een telegram omtrent het Metalen Kruis te sturen naar de koning en werd er 's middags een feestmaal genuttigd. In de avond werd in het Grand Théâtre des Variétés tevens een feestvoorstelling voor deze veteranen opgetuigd door het Koninklijke Vereeniging Het Nederlandsch Tooneel, met als thema de Tiendaagse Veldtocht.
Het Metalen Kruis is een vierarmig bronzen kruis met een breedte van 29 millimeter. De voorzijde vertoont de gekroonde "W" in een krans bestaande uit een tak van eikenbladeren (links) en een tak van laurierbladen (rechts). De keerzijde heeft dezelfde krans, waarbinnen de jaartallen "1830-1831" gegraveerd zijn. Op de armen van het kruis is de tekst "TROUW AAN / KONING / EN / VADERLAND" te lezen. Het lint is verdeeld in zes gelijke banen nassaublauw en oranje, beginnend aan de linkerzijde met een blauwe baan.
Er zijn enige Metalen Kruizen bekend met een bronzen lauwerkrans als verhoging tussen het lint en het kruis. Deze lauwerkrans was een door de dragers zelf bedacht draagteken dat een Eervolle Vermelding aanduidde.
Het door Willem II der Nederlanden gedragen Metalen Kruis werd als vaandeldecoratie aan het vaandel van de koningscompagnie, de Ie compagnie van het garderegiment grenadiers en jagers bevestigd. Tegenwoordig wordt dit vaandel gevoerd door de Alfa-compagnie van het 11e Infanteriebataljon Air Assault GGJ van de Nederlandse Koninklijke Landmacht.
In 1853 werd de Vereeniging Het Metalen Kruis opgericht door en voor veteranen van de Tiendaagse Veldtocht. De eerste afdeling werd op 5 november van dat jaar te Leiden opgericht "met het doel van vriendschappelijk verkeer, tot voortdurende herinnering aan het vroegere krijgsmansleven, in vaderlandschen zin, vrij van alle eenzijdigheid op het gebied van Staat en Kerk, en tot bevordering van den in de gedenkwaardige jaren 1830 en 1831 vooral zo krachtigen volkszin, ook bij het jongere geslacht, bij de jeugdige zonen des lands" en breidde zich in de loop der jaren uit middels een uitgebreid netwerk van plaatselijke afdelingen. De grote plaatselijke afdelingen werden onderverdeeld in twee secties; de eerste voor 'de beschaafden stand', de tweede voor 'den fatsoenlijken burgerstand'. De vereniging bleef bestaan tot 3 oktober 1897, toen de laatste nog levende veteraan van de Leidse afdeling der vereniging, de heer H.A. van Ingen Schenau sr., overleed. Hierna hield de vereniging op te bestaan.