| Miskraam | ||||
|---|---|---|---|---|
| Coderingen | ||||
| ICD-11 | ||||
| OMIM | 614389 | |||
| MedlinePlus | 001488 | |||
| eMedicine | onderwerpenlijst | |||
| MeSH | D000022 | |||
| ||||
Een miskraam is een spontane afbreking van een zwangerschap tot 28 weken (door de Wereldgezondheidsorganisatie gedefinieerd). De medische term hiervoor is spontane abortus, maar omdat 'abortus' in de spreektaal meestal wordt gebruikt voor een opzettelijke zwangerschapsafbreking (abortus provocatus), wordt dat woord vaak met enige voorzichtigheid gebruikt bij ouders die ongewild een zwangerschap verliezen.
Een doodgeboren baby is een baby die na de eerste 28 (of ander aantal, definities variëren) weken van de zwangerschap geboren wordt, maar al voor de geboorte overleden is (intra-uteriene vruchtdood) of bij de geboorte overlijdt. De Wet op de lijkbezorging definieert een doodgeborene als de na een zwangerschapsduur van ten minste 24 weken levenloos ter wereld gekomen menselijke vrucht. Zie ook perinatale sterfte.
Miskramen komen vaker voor dan de meeste mensen denken. Zo'n 25% van alle vrouwen krijgt er in hun leven mee te maken.[bron?] Wordt vanaf het moment van bevruchting gerekend, dan wordt zelfs mogelijk tot 90% van alle bevruchte eicellen voortijdig afgestoten;[bron?] meestal echter worden de zeer vroege zwangerschappen die in een miskraam eindigen niet eens opgemerkt, omdat een normale menstruatie volgt, of deze alleen maar een of twee dagen later komt. De helft van alle zwangerschappen eindigt dus al voordat de vrouw weet dat ze zwanger is.[bron?] Van alle 'vastgestelde' zwangerschappen loopt gemiddeld 15% uit op een miskraam.
De leeftijd van de moeder is de belangrijkste risicofactor: de kans op een miskraam is circa 9% voor vrouwen tussen 20 en 42 jaar, meer dan 50% voor vrouwen van 42 jaar en zelfs tot 75% voor 45-jarige vrouwen.
Het verloop van een miskraam kan erg verschillen:

Na een week of twee is de vrouw doorgaans fysiek volledig hersteld van een miskraam. Drie tot acht weken is een normale termijn waarbinnen de eerste menstruatie weer kan volgen. Ook is het mogelijk dat een vrouw meteen weer zwanger wordt. Een zwangerschapstest is op zo'n moment onbetrouwbaar, omdat het hormoon hCG nog van de vorige zwangerschap in het bloed kan zitten.
Soms kan door middel van onderzoek achteraf worden vastgesteld wat de oorzaak was van de miskraam. Meestal wordt dat onderzoek pas gedaan als er sprake is van twee opeenvolgende miskramen. In dat geval wordt de kans op een volgende miskraam groter dan na een enkele miskraam. Men spreekt bij herhaalde miskramen van habituele abortus.
Er kunnen verschillende oorzaken zijn:
Een behandeling om een miskraam te voorkomen is er nog niet. Er zijn (en worden) vele verschillende behandelingen uitgeprobeerd, waarvan uit het verleden de bekendste het gebruik van di-ethylstilbestrol (DES) is. Dit synthetisch hormoon werd in sommige landen, in Nederland tussen 1947 en 1976, op grote schaal voorgeschreven aan zwangeren. Het werkte niet, maar verhoogde wel de kans op afwijkingen bij foetussen of bij kinderen van de tweede of derde generatie.
Nog steeds wordt gezocht naar mogelijke behandelingen voor een miskraam. Hormonen als bijvoorbeeld progesteron, HCG, LHRH-analogenen met gonadotrifinen, en ook schildklierhormonen worden soms voorgeschreven, maar tot nu toe is van geen van deze therapieën in wetenschappelijk onderzoek het nut aangetoond.
In 2020 publiceerden onderzoekers van het KU Leuven en het Imperial College in Londen een onderzoek naar posttraumatische stresssymptomen, angstklachten en depressieve gevoelens bij vrouwen na een miskraam. Hieruit kwam naar voren dat 18% van de vrouwen negen maanden na de miskraam symptomen van een posttraumatische stressstoornis (PTSS) vertoonde, 17% last had van angstaanvallen en 6% kampte met ernstige depressieve klachten. Het onderzoek werd uitgevoerd onder 737 vrouwen in Londen die een spontane miskraam of een buitenbaarmoederlijke zwangerschap hadden doorgemaakt.
Datzelfde onderzoek stelde dat vrouwen met een vroegtijdige miskraam (zwangerschapsafbreking voor 12 weken), vergeleken met vrouwen die een normale zwangerschap doormaakten, twee keer zo vaak last hadden van ernstige angstaanvallen en zij drie keer zo vaak ernstige depressieve klachten vertoonden.
Een enquête van Ouders van Nu (2024) die werd uitgevoerd onder 800 lezers, concludeerde dat 65% van de vrouwen die een miskraam doormaakten last hadden van psychische klachten. Ze gaven aan klachten te ervaren zoals angst en somberheid, schuldgevoelens en burn-outachtige symptomen.
Mannen van wie de partner een miskraam doormaakte, rapporteerden eveneens psychische klachten. Direct na de miskraam waren deze klachten het sterkst: 43,4% van de mannen ervoer ernstige stress en 16,9% vertoonde symptomen van depressie. Na de eerste drie maanden namen de klachten bij hen af. De klachten waren ernstiger in het geval van een geplande zwangerschap. Daarnaast had ook de psychische gemoedstoestand van de vrouw een groot effect op die van de man.
Boek 1 van het Nederlandse Burgerlijk Wetboek bepaalt dat een kind dat dood ter wereld komt, geacht wordt nooit te hebben bestaan. Sommige betrokken ouders vinden dit een onprettige formulering, maar de bepaling strekt er niet toe het bestaan van het kind te ontkennen, maar heeft slechts tot doel om eventuele problemen op het terrein van het erfrecht te voorkomen door duidelijk vast te stellen dat een levenloos geboren kind geen rechten en plichten kan hebben of kan overdragen aan andere personen. De Wet van 19 december 2018 tot wijziging van de Wet basisregistratie personen in verband met het opnemen van gegevens over kinderen die op het moment van de geboorte niet meer in leven zijn of omtrent wie een Nederlandse akte is opgemaakt die vermeldt dat het kind op het ogenblik van de aangifte niet in leven is, is op 1 februari 2019 ingegaan. Er wordt ook weleens bij abortus provocatus gebruik van gemaakt. Er was eerder al de mogelijkheid een akte van een levenloos geboren kind te ontvangen, ongeacht de duur van de zwangerschap.