| Callitris pancheri | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Callitris pancheri, Chutes de la Madeleine, Nieuw-Caledonië | ||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||
| Callitris pancheri (Carrière) Byng (2015) Basioniem Eutacta pancheri Carrière (1867) | ||||||||||||||||
| Synoniemen | ||||||||||||||||
|
Neocallitropsis pancheri (Carrière) de Laub. (1972) | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
Callitris pancheri is de botanische naam van een soort uit de cipresfamilie (Cupressaceae). De soort is endemisch in Nieuw-Caledonië, waar deze voorkomt in kleine verspreide populaties langs rivieren.
Het is een groenblijvende conifeer die 2 tot 10 m hoog kan worden. De bladeren zijn priemvormig, 1 cm lang, gerangschikt in acht rijen in afwisselende kransen van vier; wat betreft het algemene uiterlijk lijkt het blad oppervlakkig op dat van bepaalde Araucaria-soorten, hoewel ze slechts zeer ver verwant zijn. Callitris pancheri is tweehuizig, met aparte mannelijke en vrouwelijke bomen. De zaadkegels zijn 1,5-2 cm lang, met acht houtachtige schubben die in twee kransen van vier zijn gerangschikt.
Vroeger werd de soort gerekend tot het monotypisch geslacht Neocallitropsis, maar DNA-onderzoek plaatst het in Callitris.