Nika Gvaramia

Nika Gvaramia
ნიკა გვარამია
Nika Gvaramia
Geboren 29 juni 1976
Soechoemi, Abchazische ASSR, Georgische SSR, Sovjet-Unie
Politieke partij Achali (sinds 2024)
UNM (2004-2023)
Voorzitter Achali
samen met Nika Melia
Huidige functie
Aangetreden 11 maart 2024
Minister van Onderwijs en Wetenschap
Aangetreden 31 oktober 2008
Einde termijn 7 december 2009
President Micheil Saakasjvili
Premier Vladimer Goergenidze
Grigol Mgaloblisjvili
Nika Gilaoeri
Voorganger Ghia Nodia
Opvolger Dimitri Sjasjkin
Minister van Justitie
Aangetreden 31 januari 2008
Einde termijn 31 oktober 2008
President Micheil Saakasjvili
Premier Vladimer Goergenidze
Voorganger Eka Tkesjelasjvili
Opvolger Zoerab Adeisjvili
Vice-procureur-generaal
Aangetreden 26 maart 2007
Einde termijn 31 januari 2008
Lid Parlement van Georgië
Aangetreden 22 april 2004
Einde termijn 5 april 2007
Portaal  Portaalicoon   Politiek
Georgië

Nika Gvaramia (Georgisch: ნიკა გვარამია) (Tbilisi, 29 juni 1976) is een politicus en media-ondernemer uit Georgië. Hij is medeoprichter en leider van de politieke partij Achali. Gvaramia was eerder lid van het parlement, minister in de regering-Saakasjvili en directeur van de tv-zenders Rustavi-2 en Mtavari Arkhi. Hij werd als representant van de oppositie tijdens de regeerperiode van Georgische Droom een aantal keren veroordeeld tot gevangenisstraffen, wat door mensenrechtengroepen beschouwd werd als politiek gemotiveerde vervolging.

Levensloop

Nika Gvaramia groeide op in hoofdstad Soechoemi van de Abchazische ASSR in de Georgische sovjetrepubliek van de Sovjet-Unie. Na de val van Soechoemi in september 1993 tijdens het Georgisch-Abchazisch conflict vestigde hij zich als interne vluchteling in Tbilisi.

In 1998 studeerde Gvaramia af aan de rechtenfaculteit van de Staatsuniversiteit van Tbilisi. Vervolgens werkte hij van 2000 tot 2003 bij het advocatenkantoor Sando en werkte hij korte tijd bij Telasi, het geprivatiseerde elektriciteitsbedrijf van Tbilisi.

Politieke carrière

Gvaramia werd na de Rozenrevolutie in de verkiezingen van maart 2004 gekozen tot lid van het parlement voor de Verenigde Nationale Beweging, de regeringspartij van president Micheil Saakasjvili. Hij was lid van de commissies Juridische Zaken en Buitenlandse Betrekkingen. Op 26 maart 2007 werd hij benoemd tot plaatsvervangend procureur-generaal en trad uit het parlement.

In die hoedanigheid was Gvaramia in het najaar van 2007, toen er grote anti-regeringsprotesten plaatsvonden, betrokken bij aantijgingen van het openbaar ministerie tegen voormalig minister Irakli Okroeasjvili vanwege corruptie en tegen zakenman Badri Patarkatsisjvili vanwege het plannen van een staatsgreep via de protesten. Ook was Gvaramia betrokken bij de omstreden inval bij tv-station Imedi in diezelfde periode.

Na de herverkiezing in januari 2008 van president Saakasjvili trad Gvaramia toe tot de regering. Op 31 januari 2008 werd hij minister van Justitie, maar negen maanden later werd hij tijdens een kabinetsherschikking minister van Onderwijs en Wetenschap. Hij legde deze functie ruim een jaar later op 7 december 2009 neer met de intentie in het buitenland te gaan studeren. Gvaramia trok zich vervolgens terug uit de politiek.

Rustavi-2

Nika Gvaramia als directeur van Rustavi-2 (2018).

Op 15 november 2012 werd Gvaramia directeur van de populaire Georgische tv-zender Rustavi-2, die op dat moment eigendom was van geassocieerden met de voormalige regering-Saakasjvili. De zender vertolkte na de overwinning van Georgische Droom in oktober 2012 een oppositiegeluid tegen de nieuwe regering. Tijdens Gvaramia's directeurschap raakte Rustavi-2 verwikkeld in een slepend conflict over het eigenaarschap, dat tot in het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg werd uitgevochten.

De voormalige eigenaar Kibar Chalvasji eiste het bedrijf op met de claim in 2006 onterecht te zijn onteigend onder druk van de regering-Saakasjvili. De rechtbank dwong uiteindelijk teruggave af aan Chalvasji, waarna er zorgen waren over de toekomst van de persvrijheid in Georgië. De regering wilde schijnbaar het oppositie-geluid via deze weg onderdrukken en Rustavi-2 in een regeringsvriendelijke zender veranderen.

Kort na de definitieve uitspraak in 2019 van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens werd Gvaramia ontslagen. Een groot deel van de nieuwsredactie werd door de nieuwe eigenaren ontslagen of vertrok zelf en de redactionele koers werd verlegd naar een regeringsvriendelijk geluid.

Mtavari Arkhi

Gvaramia door zijn eigen zender Mtavari Arkhi geïnterviewd tijdens protesten tegen de zogeheten 'buitenlandse agentwet' in het voorjaar van 2024.

Meteen na zijn vertrek bij Rustavi-2 begon Gvaramia het oppositie georiënteerde tv-station Mtavari Arkhi ("hoofdkanaal"), waar hij directeur van werd. Hij deed tevens de presentatie van verschillende programma's. Gvaramia was daarnaast enige tijd advocaat van Saakasjvili, na diens clandestiene terugkeer in Georgië in oktober 2021 en detentie. Hij vertegenwoordigde Saakasjvili in de rechtszaken, die tegen de oud-president werden behandeld.

Gvaramia stond als tv-presentator, maar ook publiek commentator, bekend om zijn scherpe kritiek op de regerende Georgische Droom. Zijn programma bracht onder meer vermeende corruptie en machtsmisbruik door de overheid aan het licht. Tijdens het directeurschap werd Gvaramia met regelmaat strafrechtelijk vervolgd, wat internationale mensenrechten- en journalistenorganisaties zagen als een aanval op de Georgische persvrijheid. Op 16 november 2023 kreeg Gvaramia de Internationale Persvrijheidsprijs van de Committee to Protect Journalists (CPJ).

Als directeur bij Rustavi-2 en daarna Mtavari Arkhi was Gvaramia weliswaar niet meer direct betrokken bij de Verenigde Nationale Beweging, maar was hij in deze periode een belangrijke spil in het uitdragen van het partijgeluid via de populaire tv-zenders. Volgens verschillende betrokkenen was Gvaramia daarmee in feite de drijvende kracht achter de partij, ook toen oud-president Saakasjvili niet in Georgië was. In aanloop naar de parlementsverkiezingen van 2024 werd Gvaramia gepolst voor het leiderschap van zijn oude partij, maar hij bedankte hiervoor. Hij kondigde in december 2023 zijn terugkeer in de politiek aan en legde daartoe zijn directeurschap bij Mtavari Arkhi in februari 2024 neer en deed zijn aandelen over naar zijn echtgenote. In 2025 staakte de zender uitzendingen vanwege afgeknepen financiering.

Achali en Coalitie voor Verandering

Nika Gvaramia (m) stond met een aantal andere oppositieleiders centraal in de anti-campagne in 2024 van Georgische Droom, als de door onzichtbare buitenlandse krachten aangestuurde marionetten.

Gvaramia presenteerde in maart 2024 samen met zijn voormalige partijgenoot Nika Melia de partij 'Achali' (Nieuw), om mee te doen aan de parlementsverkiezingen van oktober 2024. Gvaramia en Melia werden duo-leiders van de partij. In de daaropvolgende periode werd de partij de drager van de 'Coalitie voor Verandering', waar de kleine partijen Girtsji – Meer Vrijheid, 'Droa' en de Republikeinse Partij zich bij aansloten.

Gvaramia was een van de leidende gezichten in de campagne voor de coalitie, maar hij wilde niet op de kieslijst om plaats te maken voor de jonge generatie. 'Coalitie voor Verandering' werd tweede in de verkiezingen achter regeringspartij Georgische Droom, mede doordat ze een groot deel van het electoraat van de Verenigde Nationale Beweging aantrok. De coalitie boycotte het parlement uit protest tegen de verkiezingsgang en speelde daarna een rol in protestacties. In december 2024 werd Gvaramia tijdens een politie-inval in het partijkantoor van coalitiegenoot 'Droa' gearresteerd, waarbij hij gewond raakte.

Vervolgingen

Na de overwinning van Georgische Droom bij de parlementsverkiezingen van oktober 2012, vervolgde deze partij verschillende prominente figuren van de Verenigde Nationale Beweging. Gvaramia werd op 19 december 2012 gearresteerd op beschuldiging van "grootschalige corruptie". Hij werd kort daarna op borgtocht vrijgelaten en in november 2013 vrijgesproken bij gebrek aan bewijs. In daaropvolgende jaren werd hij regelmatig voor de rechtbank gedaagd en veroordeeld tot celstraffen.

Rustavi-2

Kort na zijn gedwongen vertrek bij Rustavi-2 en zijn voornemen om Mtavari Arkhi op te richten, gaf het openbaar ministerie op 9 augustus 2019 aan Gvaramia aan te klagen voor machtsmisbruik en verduistering van grote sommen geld tijdens zijn directeurschap bij Rustavi-2. Hij werd ervan beschuldigd dat hij zijn positie bij Rustavi 2 misbruikte om ongunstige reclamecontracten te sluiten voor eigen financieel gewin, waaronder het verkrijgen van een Porsche Macan die door zijn gezin privé werd gebruikt, waardoor het bedrijf miljoenen aan inkomsten zou zijn misgelopen. Gvaramia ontkende de beschuldigingen en noemde ze een vergelding voor zijn journalistieke werk. In mei 2022 kreeg hij drieënhalf jaar cel in de zaak.

Internationale mensenrechtenorganisaties en het Europees Parlement veroordeelden dit als politiek gemotiveerde vervolging en het muilkorven van kritische geluiden. De uitspraak kwam enkele maanden na de Georgische aanvraag voor het EU-lidmaatschap en een maand voor de beoordeling van de EU over de toekenning van het kandidaat-lidmaatschap. De EU legde voorwaarden op voor het toekennen van die status, waaronder het depolariseren van het politieke klimaat in Georgië en het waarborgen van een vrij, pluriform en onafhankelijk medialandschap. Ze eiste dat strafzaken tegen media-eigenaren voldoen aan de hoogste rechtsnormen en onpartijdigheid. Hogere rechtbanken hielden de straf in stand, maar op 22 juni 2023 kwam Gvaramia vrij door amnestie van president Salome Zoerabisjvili, wat bijdroeg aan een positief oordeel van de EU tot de kandidaatsstatus.

Protest na verkiezingen 2024

Gvaramia werd op 1 juli 2025 veroordeeld tot acht maanden celstraf en een verbod van twee jaar op het uitoefenen van publieke functies, omdat hij weigerde voor de parlementaire onderzoekscommissie-Tsoeloekiani te verschijnen. Deze commissie onderzocht vermeende misdaden begaan door de regering-Saakasjvili in de periode 2003-2012, met als oogmerk de Verenigde Nationale Beweging en al haar zogenaamde "satellietpartijen" te verbieden. Meerdere oppositieleiders, waaronder Zoerab Dzjaparidze, Giorgi Vasjadze en Nika Melia, weigerden net als Gvaramia de ondervraging omdat ze het parlement dat in 2024 was gekozen niet erkenden en daarmee ook de parlementscommissie niet.

Terwijl Gvaramia met andere oppositieleiders deze straf nog uitzat, begonnen de autoriteiten in de eerste week van november 2025 met de vervolging van hen voor "misdaden tegen de staat". Gvaramia werd aangeklaagd met artikel 318.1 dat gaat over sabotage door het verstoren van het functioneren van publieke instellingen "met als doel Georgië te verzwakken", waarop twee tot vier jaar gevangenisstraf staat. De aanklager gaf aan dat Gvaramia na de nederlaag in de parlementsverkiezingen van 2024 pogingen ondernam de straatprotesten te radicaliseren en openlijk opriep tot een revolutie, de omverwerping van de regering en fysieke confrontatie met wetshandhavers.

Persoonlijk

Gvaramia is getrouwd met Sopo Liloeasjvili. Het koppel heeft samen twee kinderen en er is een kind uit een eerder huwelijk van Liloeasjvili.

Referenties

Zie de categorie Nika Gvaramia van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.