Overname

In de zakenwereld is een overname (ook wel acquisitie genoemd) de verwerving van een bedrijf door een ander bedrijf. Deze overname kan op verschillende manieren een onderscheid maken tussen een "vriendelijke overname" en een "vijandige overname". In de bedrijfskunde worden bedrijfsovernames en -fusies vaak samen bestudeerd als mergers and acquisitions (M&A).

Het grote verschil met een fusie is dat een overname ongelijkheid impliceert en een fusie gelijkheid. Het overgenomen bedrijf zal onder controle van het overnemende bedrijf vallen. Meestal is het overgenomen bedrijf beduidend kleiner dan het overnemende bedrijf.

Overnamebod

Het overnamebod van de overnemende partij kan bestaan uit geld, uit aandelen van het overnemende bedrijf of een combinatie van deze twee. Het bod in geld is een vast bedrag, terwijl de waarde van een bod in aandelen schommelt met de aandelenkoers van het overnemende bedrijf. Bij een bod gaat de koers van het aandeel van het over te nemen bedrijf veelal omhoog en die van de overnemende partij naar beneden.

Vormen van overnames

Vriendelijk

Bij een vriendelijke overname overleggen de twee bedrijven vooraf en stemt het bedrijf dat overgenomen wordt in met het bod, alvorens de aandeelhouders te laten beslissen. Bij deze overname laat de bieder doorgaans eerst de raad van commissarissen of het bestuur weten geïnteresseerd te zijn in het bedrijf alvorens een bod te doen. Als de raad besluit dat het bod gunstig is voor de aandeelhouders, wordt de aandeelhouders aangeraden het bod te accepteren.

Bij wat kleinere bedrijven is er geen raad van commissarissen en zijn de aandeelhouders en het bestuur doorgaans nauw met elkaar verbonden. Als de een toestemt, doet de ander dat vaak ook. Doorgaans zijn de aandelen in handen van een of enkele individuen of een moederbedrijf dat betrokken was bij de oprichting en bedrijfsvoering. Door deze nauwe verbondenheid tussen bedrijf en aandeelhouder(s) is in principe slechts een vriendelijke overname mogelijk.

Vijandig

Bij een vijandige overname doet een partij een bod op de aandelen van een bedrijf zonder dat het bedrijf er zelf om heeft verzocht of mee in heeft gestemd. De aandeelhouders kiezen een optie die voor hen het beste is, in plaats van dit aan het management over te laten.

Een overname wordt als "vijandig" gezien indien:

  • De raad het aanbod verwerpt, maar de bieder het bedrijf toch koopt.
  • De bieder een bod op het bedrijf doet, buiten weten van de raad om.

Bij een een vijandige overname kan de overnemende partij een bod doen op de aandelen die boven de huidige marktprijs ligt. Een ander en langduriger traject kan de bieder proberen genoeg aandeelhouders van het doelbedrijf achter zich te krijgen om het management te vervangen.

Management buy-in

Dit is een term die in het verlengde van een bedrijfsovername geregeld ter sprake komt. Hiervan is sprake bij een overname van een (deel van een) bedrijf door een of meer personen die na de overname zelf de leiding over (een deel van) die onderneming gaan voeren. Het verschil met een management buy-out zit in de vraag of de koper van het bedrijf al betrokken was bij de onderneming voor bedrijfsovername of nog niet.

Management buy-out

Een managementbuy-out is een overname van een (deel van een) bedrijf door de zittende leiding en eventueel ander personeel, eventueel met financiering van buitenaf. Dit heeft als voordeel dat de nieuwe eigenaren al goed bekend zijn met de activiteiten, de klanten en het personeel.

Beschermingsconstructies

Bedrijven kunnen een overname voorkomen door bijvoorbeeld eigen aandelen in te kopen. Deze actie is overigens in de meeste rechtsstelsels maar zeer beperkt mogelijk, en bovendien wordt het stemrecht opgeschort zolang de vennootschap deze aandelen in bezit heeft. Een andere optie is te fuseren waardoor de biedende partij een groter bedrijf moet overnemen. Een voorbeeld is de overnamepoging door Mittal Steel van Sidmar in Gent, later Arcelor. Deze poging de vijandige overname te voorkomen mislukte echter; later ging de overname alsnog door.

Controversieel zijn juridische beschermingsconstructies die overnames zouden moeten verhinderen. Hier kunnen verschillende redenen voor zijn. Het management kan beducht zijn om weggezuiverd te worden bij een vijandige overname. Ook kunnen er sentimentele redenen zijn waarom men de onderneming zelfstandig wil houden of wil voorkomen dat deze in buitenlandse handen valt.

De meest simpele beschermingscontructie is een rechtsvorm kiezen die zich niet voor vijandige overnames leent of geen beursnotering aan te vragen, maar de keerzijde hiervan is wel dat kapitaalverwerving hiermee bemoeilijkt wordt.

Een andere veelvoorkomende optie is de uitgifte van niet stemgerechtigde aandelen, het bedrijf krijgt zo wel kapitaal binnen maar geeft geen stemrecht uit handen. Een variant van dit laatste is de uitgifte van preferente aandelen met meer stemrechten, meestal niet beursgenoteerd, dan gewone aandelen die wel beursgenoteerd zijn.

Aan een beurs genoteerde ondernemingen beschermen zich vaak door aandelen aan een Stichting Administratiekantoor (STAK) uit te geven, dat vervolgens certificaten van aandelen uitgeeft en laat noteren. De certificaten geven recht op dividend en kunnen worden verhandeld, maar de stemrechten blijven bij de STAK. In het bestuur van de STAK zitten uiteraard personen die het zittende management van de onderneming gunstig gezind zijn.

Door de grote spreiding van aandelenbezit in grote bedrijven (tot duizenden aandeelhouders) en de kennisvoorsprong van de directie is het vaak erg moeilijk voor de aandeelhouders om een vuist te maken tegenover het bestuur. Bovendien is door de kennisachterstand en de versnippering ook de animo voor actief aandeelhouderschap gering ('het maakt toch niets uit, als ik mijn dividend maar krijg', 'wat voor verschil maakt een stem op mijn 30 aandelen uit als een ander er 10.000 heeft?'). Hierdoor valt de controle op het management vrijwel geheel weg. De dreiging van een vijandige overname wordt gezien als een prikkel voor het bestuur om toch naar beste vermogen en naar de belangen van de onderneming te handelen. Overnames, ook vijandige, ziet men in deze context als economisch nuttig, en beschermingsconstructies die dit te pas en te onpas blokkeren worden steeds minder geaccepteerd.

Uitrookprocedure

Is een overnamebod gedaan en de overnemende partij heeft nagenoeg alle aandelen in handen, dan kan de uitrookprocedure (Engels: squeeze-out) worden toegepast. Via deze rechtelijke procedure kan de overnemende partij in Nederland, mits minstens 95% van de aandelen van de over te nemen bedrijf in handen heeft, de overige aandeelhouders dwingen hun aandelen aan hem te verkopen. De Ondernemingskamer kan deze vordering afwijzen als een gedaagde ondanks de vergoeding ernstige stoffelijke schade zou lijden door de overdracht of wanneer de gedaagde de houder is van een aandeel met bijzondere (stem)rechten.

Een overnemer zit niet te wachten op minderheidsaandeelhouders die in de aandeelhoudersvergaderingen aanschuiven en invloed uit kunnen oefenen alsmede bepaalde (informatie)rechten hebben. Minderheidsaandeelhouders zouden hier zelfs misbruik van kunnen maken (bijvoorbeeld door een hogere prijs te eisen, wat weer oneerlijk is jegens de overige ex-aandeelhouders). Bovendien zou het een overname (en dus investering in een land) minder aantrekkelijk maken, voor een kleine groep overige aandeelhouders moeten immers kosten worden gemaakt zoals de beursnotering en het organiseren van jaarvergaderingen.

Een minderheidsaandeelhouder kan onder toepassing van het genoemde artikel geen rechten uitoefenen behalve de aandelen verkopen, ook als hij zich later pas meldt. Op deze manier kan een overnemer er dus voor zorgen dat hij het alleen voor het zeggen heeft. Wel zal hij geld apart moeten leggen voor aandeelhouders die zich alsnog melden, zodat ook de laatste aandelen kunnen worden gekocht.

White knight

Een white knight (witte ridder) is een investeerder die een andere onderneming 'redt' door deze over te nemen.

Er zijn twee soorten 'witte ridders' te onderscheiden.

Naast white knights onderscheidt men ook white squires (witte schildknapen), die slechts een strategisch of blokkerend minderheidsbelang kopen.

Het is mogelijk dat de vijandige overnemer het er niet bij laat zitten en een hogere overnameprijs biedt. Dit kan leiden tot een 'biedingsstrijd' en soms tot een economisch niet meer verantwoordbare prijs voor de ondernemer. Ook kan de vijandige overnemer in het uiterste geval besluiten de white knight (vijandig) over te nemen.

Uiteraard zijn de motieven van white knights meestal zakelijk en verre van ridderlijk of nobel: ze menen simpelweg dat hun strategie voor hen uiteindelijk gunstiger is. De term ziet slechts op de perceptie vanuit het management van het overgenomen bedrijf. Bij een vijandige overname zal dit immers meestal het veld moeten ruimen waardoor voor hen de white knight inderdaad als een redder (of ridder) toeschijnt.

Integratie na overname

In hoeverre na de overname integratie van het overgenomen bedrijf in het overnemende bedrijf plaatsvindt, hangt af van de omstandigheden. Vaak zal de overnemer willen streven naar enige eenheid en centralisatie, met name wanneer beide bedrijven in dezelfde bedrijfstak en/of markt actief zijn. Anderzijds zal een private equity-firma haar deelnemingen niet willen integreren in de eigen structuur, maar zich wel actief bemoeien met de bedrijfsvoering van het (tijdelijk) overgenomen bedrijf.

Integratiemaatregelen kunnen onder andere bestaan uit:

Het zijn deze integratiemaatregelen die een overname vaak impopulair en gevreesd maken bij met name het personeel van het overgenomen bedrijf. Zij worden geconfronteerd met grote veranderingen en soms ook een geheel nieuw beleid en nieuwe procedures waaraan ze zich moeten conformeren. Ook kan de bedrijfscultuur bij de overnemer geheel verschillen van die van het overgenomen bedrijf. De verandering van locatie kan een toename van de reistijd betekenen. Bovenal leidt de wetenschap dat een overname vaak tot wijzigingen in het personeelsbestand leidt vaak tot onzekerheid over de eigen baan. Een overname kan hierdoor leiden tot een uittocht van personeel (soms zelfs het meest waardevolle personeel), hetgeen een factor is waar de overnemer op dient te anticiperen.

Zie ook

Zoek overname op in het WikiWoordenboek.