Een pangram (Grieks: pan gramma, "alle letters") of holo-alfabetische zin is een zin waarin alle letters van het alfabet voorkomen. De uitdaging is om een zo kort mogelijke zin te maken die aan deze voorwaarde voldoet.
Een volmaakt pangram bevat elke letter slechts eenmaal.
Het "omgekeerde" van een pangram is het lipogram, waar een bepaalde letter (of meerdere) weggelaten wordt.

Een pangram wordt in letterproeven vaak als voorbeeldzin gebruikt om de letters van een lettertype te tonen.
Bij de opgave een pangram te maken, kan men zich afvragen uit welke letters het alfabet precies bestaat. In het Nederlands wordt soms de ij als een aparte letter beschouwd, en dan moet het pangram dus ij, y, i en j bevatten. Aan de andere kant komen y, q en x in goede Nederlandse woorden niet voor, dus die letters mogen - als de opgave zo gesteld is - ontbreken. Verder is het de vraag of letters met diakrieten apart in het pangram moeten staan.
Een beginletter-pangram is een zin waarin alle letters van het alfabet voorkomen als beginletter van een woord. De uitdaging is om een zo kort mogelijke zin te maken die aan deze voorwaarde voldoet.
Een perfect beginletter-pangram is een zin waarin elke letter van het alfabet precies eenmaal als beginletter voorkomt. Zo'n zin telt dus 26 woorden. Het meest verfijnde type is een perfect beginletter-pangram waarvan de beginletters in alfabetische volgorde staan.
Omdat er weinig Nederlandse woorden zijn die met een x beginnen, gebruiken abc-schrijvers vaak xtc, zoals in dit voorbeeld van Louis Bidder:
Een andere mogelijkheid is het gebruik van uitsluitend bijvoeglijke naamwoorden, zoals in dit voorbeeld, eveneens van Louis Bidder:
Nog eenvoudiger is een abc-zin die grotendeels uit eigennamen bestaan - hoe meer namen, hoe makkelijker:
Dat kan ook met een opsomming van ingrediënten:
Een beginletter-pangram wordt als geslaagd beschouwd wanneer de zin natuurlijk klinkt en niet geforceerd overkomt:
Een bekend voorbeeld is een gedicht van Drs. P dat ook metrisch correct is en viervoudig rijmt:
In oktober 2010 besteedde de rubriek Spelen met taal in Onze Taal aandacht aan deze taalvorm, onder de naam alfabetzinnen. Een van de gepubliceerde voorbeelden was een ollekebolleke, geschreven door Onze Taal-lezer Max van Velzen:
Er zijn pangrammen die zelf aangeven hoeveel letters in hun eigen tekst zitten. Het oudst bekende 'zelftellende pangram' werd gemaakt door de Nederlandse schrijver Rudy Kousbroek en luidt:
Kousbroek daagde de in Nederland wonende Brit Lee Sallows uit dit pangram in het Engels te vertalen. Het resultaat was:
De letters Q en X worden in de hedendaagse spelling van het Fries niet gebruikt.
Daar het Hebreeuwse alfabet oorspronkelijk geen klinkers kent, is het maken van pangrammen in het Hebreeuws relatief eenvoudig.
Een fonetisch pangram geeft alle fonemen, dus niet de letters weer.
a, aa, e, è, ee, ə, i, ì, ie, o, ò, oo, u, ù, uu, oe, ei, au, ui, eu, n, ng, m, p, b, t, d, k, de harde g, ch, de zachte g, s, z, f, v, h, j, r, l, w
In deze variant probeert men een woord of zin te maken die alle mogelijke diakritische tekens van de desbetreffende taal bevat: