Pinetum

Pinetum Birkhoven

Een pinetum is een naaldbomentuin. Het is een gespecialiseerd arboretum waarin uitsluitend of hoofdzakelijk coniferen zijn aangeplant. Het oudste pinetum van Nederland is "Schovenhorst" bij Putten op de Veluwe.

Men spreekt "pinetum" uit als: pieneetum. Het meervoud van pinetum is: pineta.

Terminologische kwesties

De term "pinetum" is een neologisme, afgeleid van Pinus of Pinaceae (of wellicht het Nederlandse "pijnboom" of Engelse "pine" of "pine-tree") en arboretum. Men bedoelt met een pinetum echter een verzameling van coniferen.

In de volksmond wordt met conifeer veelal een boom uit de geslachten Chamaecyparis en Cupressus (zie cipres), Thuja (levensboom), Juniperus (jeneverbes) en andere aangeduid en meestal niet Pinus (den), Picea (spar), de leden van de familie Pinaceae. Wetenschappelijk gezien ligt dit net omgekeerd. De coniferen (wetenschappelijke naam, afhankelijk van het gebruikte boek Coniferae, Coniferales, Pinophyta, Pinopsida, Pinales of Pinaceae) omvatten alle mogelijke soorten dennen, sparren, cipressen, taxussen, etc. Ook naaldboom is geen eenduidig begrip. Niet alle coniferen hebben naalden, en sommige coniferen hebben alleen naalden in bepaalde levensstadia.

In het Nederlands zou men in plaats van over een "naaldbomentuin" dan ook op wetenschappelijke gronden eigenlijk beter over een "coniferentuin" kunnen spreken. Dat doen sommige auteurs dan ook (bijvoorbeeld Pannekoek (1968)). Hier is echter in aansluiting aan bijvoorbeeld Buis (1998) voor "naaldbomentuin" gekozen, omdat dit beter aansluit bij het Nederlandse spraakgebruik.

Waarom werden / worden pineta aangelegd?

Elk pinetum in Nederland, België of daarbuiten heeft een andere ontstaansgeschiedenis. De belangrijkste beweegredenen voor het aanleggen van een pinetum lagen echter veelal op een of meer van de volgende terreinen:

Pineta in Nederland en België

Literatuur

Putten 1998
Deventer 1968 (2e druk; 1e druk 1965)