Primitief Kadaster

Het Primitief Kadaster — letterlijk het eerste of oorspronkelijke kadaster — is de vroegste systematische opmeting en registratie van alle percelen, gebouwen en hun eigenaars op het Belgisch grondgebied. De creatie van het primitief kadaster in de eerste helft van de 19de eeuw ging gepaard met de opmaak van meer dan twintigduizend kaarten en van de meer dan zestigduizend ‘processen-verbaal van afpaling van gemeentegrenzen’. Dankzij een scanningsoperatie van Financiën staan sinds mei 2017 kunnen al deze stukken geconsulteerd worden via de zoekrobot van het Rijksarchief. Het vormt een unieke vroeg-negentiende-eeuwse momentopname van het landschap net vóór de grote industrialisering en verstedelijking.

Het kadaster op het huidig Belgisch grondgebied werd opgebouwd met opmetingen ten tijde van het Eerste Franse Keizerrijk die teruggaan tot 1808, en werden verder gezet ten tijde van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. De meerderheid van de kadasterkaarten werd afgewerkt tussen 1826 en 1830. Na de Belgische onafhankelijkheid in 1830 werden de kaarten nog geactualiseerd, ook met de laatste gegevens over het kadastraal inkomen. Het Primitief Kadaster werd in 1834 bekrachtigd voor het grootste deel van het Belgisch grondgebied, met uitzondering van de provincies Limburg en Luxemburg, waar het veldwerk door de politieke evoluties pas in 1844 werd voltooid.