| Bleke sikkelkoraalzwam | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Bleke sikkelkoraalzwam | ||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||
| Clavulinopsis subtilis (Pers.) Corner (1950) | ||||||||||||||
| Synoniemen | ||||||||||||||
|
Ramariopsis subtilis | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
De bleke sikkelkoraalzwam (Clavulinopsis subtilis) is een schimmel uit de familie Clavariaceae. De koraalzwam vormt kleine, witachtige tot bleekgele, vertakte vruchtlichamen die bij veroudering vanaf de basis bruin verkleuren. Hij groeit op de bodem in graslanden en soms in bossen. In Nederland is de soort zeldzaam.
De vruchtlichamen zijn doorgaans 1 tot 2 cm hoog, maar kunnen volgens sommige beschrijvingen ongeveer 4 cm bereiken. Ze bestaan uit een slanke, rechtopstaande steel van ongeveer 1 tot 2 mm dik, die bovenaan in enkele korte takken uiteenloopt. Deze vertakkingen kunnen aan hun uiteinden opnieuw gevorkt of ingesneden zijn. De takpunten zijn smal en vaak enigszins gebogen.
Jonge vruchtlichamen zijn witachtig tot bleek crèmegeel. Bij het ouder worden ontstaat vanaf de steelbasis een bruine verkleuring die zich verder naar boven kan uitbreiden. De combinatie van de geringe afmetingen, de bleke kleur en de bruin wordende basis is kenmerkend voor de Nederlandse beschrijving van deze soort.
De basidiosporen meten volgens Nederlandse beschrijvingen 3,5–4,5 × 3,0–3,5 µm. Ze zijn breed ellipsoïde tot bijna bolvormig, kleurloos en glad tot zeer fijnwrattig. De fijne ornamentatie is met een gewone lichtmicroscoop niet altijd duidelijk waarneembaar.
In de klassieke Nederlandse soortopvatting worden tweesporige basidiën beschreven. In andere beschrijvingen van materiaal dat tot dit taxon wordt gerekend, zijn ook viersporige basidiën vermeld. Dit verschil hangt mogelijk samen met de nog onduidelijke afgrenzing van de soort.
Bij microscopisch onderzocht materiaal dat als deze soort is gedetermineerd, zijn dunwandige, kleurloze hyfen met gespen aan de dwarswanden beschreven.
De bleke sikkelkoraalzwam kan worden verward met de sikkelkoraalzwam (Clavulinopsis corniculata). Deze heeft doorgaans opvallender geelgekleurde vruchtlichamen. In het verleden zijn sommige collecties van C. corniculata vermoedelijk ten onrechte als C. subtilis beschreven. Vooral microscopisch onderzoek, waaronder het meten van de sporen, is daarom van belang voor een betrouwbare determinatie.
De bleke sikkelkoraalzwam is een bodembewonende schimmel die in de Nederlandse standaardlijst als saprotroof wordt ingedeeld. Hij groeit op humusrijke grond in schrale graslanden, hooilanden en soms in open loofbossen. Uit Europese beschrijvingen zijn onder meer groeiplaatsen op basenrijke bodems bekend. In Nederland is de soort daarnaast gemeld uit duingraslanden, droge duinen en graslanden op kalkarm zand.
In 2013 werd de soort in Drenthe aangetroffen op kale grond in een schraal hooiland op sterk bekalkte keileem in het natuurontwikkelingsgebied Schepping bij Beilen. Daar groeide hij samen met onder meer de variabele barsthoed (Dermoloma josserandii) en de ruige aardtong (Trichoglossum hirsutum).
De bleke sikkelkoraalzwam is uit verschillende Europese landen bekend. In Duitsland wordt de soort als zeldzaam beschouwd.
In Nederland komt de soort verspreid voor, zowel in de kustduinen als in het binnenland. Hij is volgens de NDFF Verspreidingsatlas zeldzaam. De soort staat op de Nederlandse Rode Lijst van paddenstoelen van 2008 in de categorie 'Gevoelig'. Voor een betrouwbare determinatie wordt microscopisch onderzoek noodzakelijk geacht.
De soort werd in 1797 door Christiaan Hendrik Persoon beschreven onder de naam Clavaria subtilis. In 1950 bracht de Britse mycoloog Edred John Henry Corner de soort onder in het geslacht Clavulinopsis.
In 1978 plaatste de Amerikaanse mycoloog Ronald H. Petersen de soort in het geslacht Ramariopsis, als Ramariopsis subtilis. Deze naam wordt door Species Fungorum als de geaccepteerde naam beschouwd. De Nederlandse Verspreidingsatlas hanteert nog de naam Clavulinopsis subtilis.
De taxonomische afgrenzing is niet volledig opgehelderd. Sommige auteurs beschouwen C. subtilis als een soortencomplex. Vooral verschillen in vruchtlichaamvorm, de mate van vertakking, de bruine verkleuring en de microscopische kenmerken wijzen erop dat onder deze naam mogelijk verschillende nauw verwante soorten worden samengebracht.