| Roze grondschijfje | ||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||
| Roseodiscus formosus Wiesch., Helleman, Baral & T. Richt. (2011) | ||||||||||||||
| Synoniemen | ||||||||||||||
|
Discinella menziesii | ||||||||||||||
| ||||||||||||||
Het roze grondschijfje (Roseodiscus formosus) is een schimmel in de orde Helotiales. Het leeft saprofiet en parasiteert op mossen (vooral op het gewoon purpersteeltje).
Het vruchtlichaam heeft een breedte van (1-) 1,5 tot 4 (-5) mm diameter. Het komt alleen voor of in groepen. De ascus is 8-sporig en heeft een afmeting van (89-) 100-133 (-140) × 9-11 (-12) μm. De ascosporen zijn ellipsvormig-spoelvormig tot clavaat, hyaliene, glad, dunwandig, soms enkelvoudig gesepteerd bij oude exemplaren en meten (9,5-) 12-18 (-23) × (3-) 3,5-4,2 (-5) µm.
Het komt voor in Europa en dan het meest in Nederland en Denemarken . In Nederland komt het roze grondschijfje vrij zeldzaam voor. Het staat op de rode lijst in de categorie 'gevoelig'.