| Sam Drukker | ||||
|---|---|---|---|---|
| Persoonsgegevens | ||||
| Geboren | Goes, 20 november 1957 | |||
| Geboorteland | Nederland | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Beroep | Schilder, tekenaar | |||
| Floruit | jaren 2010 | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Werklocatie | Amsterdam | |||
| Links | ||||
| RKD-profiel | ||||
| Website | ||||
| ||||
Sam Drukker (Goes, 20 november 1957) is een Nederlands kunstschilder en tekenaar.
Drukker groeide op in Assen. Hij studeerde aan Academie Minerva (1977-1982) in de stad Groningen, waar hij les had van onder meer Matthijs Röling. Hij volgde daarnaast de Lerarenopleiding Ubbo Emmius (1978-1984) in Groningen. Naast zijn werk als autonoom kunstenaar begeleidt Sam Drukker sinds 1990 eindexamenstudenten aan de Wackers Academie in Amsterdam en geeft hij met regelmaat masterclasses en lezingen.
Drukker woonde en werkte na zijn studie in Parijs (1984-1985) en Amsterdam en woonde daarna afwisselend in Barcelona en Amsterdam. Drukker wordt als schilder gerekend tot de vierde generatie van De Groep en de onafhankelijk realisten. Hij was medeoprichter van "Het Nederlands Portretschap" (1991). Voor Assen maakte Drukker in 1990 een Joods monument. Hij beeldde zichzelf af op het monument als een hurkende man zonder gebedskleed.
Tussen 2012 en 2014 schilderde Drukker tien Joodse mannen die volwassen waren tijdens de Tweede Wereldoorlog. In de periode dat hij deze mannen portretteerde waren zij in de leeftijd tussen de 83 en 103 jaar. De tien Minje schilderijen en achttien voorstudies op papier werden in 2014 tentoongesteld in het Kunstkabinet van het Joods Historisch Museum in Amsterdam. Het Minje-project was daarna te zien in museum BAC in Zwitserland, Pictura in Groningen en in Museum Sjoel Elburg.
Op 18 juni 2022 werd aan de Universiteit van Amsterdam (UvA) een eendaags symposium georganiseerd ter nagedachtenis aan prof. dr. Aïda Paalman-de Miranda (1936-2020). Ter gelegenheid van de lancering van het Aïda Paalman-de Miranda Fonds maakte Drukker een postuum portret van Ietje Paalman de Miranda, dat een plaats kreeg in de aula van de UvA.