| gemeente in Tsjechië | |||
|---|---|---|---|
| Situering | |||
| Regio (kraj) | Midden-Bohemen | ||
| District (okres) | Příbram | ||
| Coördinaten | 49° 37′ NB, 14° 8′ OL | ||
| Algemeen | |||
| Oppervlakte | 10,93 km² | ||
| Inwoners | 298 (1 januari 2025) | ||
| Hoogte | 439 m | ||
| Politiek | |||
| Burgemeester | Štěpán Šedivý | ||
| Overig | |||
| Postcode(s) | 262 63 | ||
| Gemeentenummer | 541311 | ||
| Website | Officiële website | ||
| Foto('s) | |||
| Uitzicht over het dorp (2012) | |||
| |||
Smolotely (Duits: Smolotel of Großschmolotel) is een Tsjechische gemeente in de regio Midden-Bohemen, en maakt deel uit van het district Příbram. Het dorp ligt op 12 kilometer afstand van de stad Příbram.
Smolotely telt 298 inwoners (2025).
De naam van het dorp is waarschijnlijk afgeleid van het Oud-Tsjechische woord smola, dat hars betekent.
De gemeente bestaat uit de volgende plaatsen:
Tussen 1869 en 1890 behoorden ook Bohostice en Cetyně tot de gemeente. De Duitstalige naam van Smolotely, Smolotel, wordt ook wel geschreven als Großschmolotel, ter onderscheid van deelgemeente Smolotelky (Duits: Kleinschmolotel).
De Stěžovskýbeek (Duits: Stieschowbach) en Líšnickýbeek (Duits: Lischnitzer Bach) stromen door de gemeente. In Smolotely zelf is een vijver gesitueerd. Een aanzienlijk deel van de gemeente bestaat uit bosgebied.
Waarschijnlijk was er reeds aan het einde van de bronstijd een nederzetting in de omgeving van het huidige Smolotely; op de heuvel Hradiště is door archeologisch onderzoek aangetoond dat hier een Slavische gord moet hebben gestaan. De eerste schriftelijke vermelding van Smolotely dateert echter van 1336, toen het dorp vermeld werd in een oorkonde van toenmalig koning Jan de Blinde.
Sinds 1960 maakt Smolotely volledig deel uit van het district Příbram. In 2006 werden de vlag en het wapen van de gemeente goedgekeurd.
Er is een postkantoor in het dorp, evenals een café en buurtsuper. In het voormalige kasteel is een zaal ingericht die als dorpshuis fungeert, en dus gebruikt wordt voor lokale evenementen en bijeenkomsten.
Smolotely is te bereiken via diverse regionale wegen.
Er is geen station in Smolotely. Het dichtstbijzijnde station is in Milín, op zo'n 9,5 kilometer afstand. Dat station ligt aan spoorlijn 200 van Zdice naar Protivín.
Er zijn drie bushaltes in de gemeente (maart 2026):
| Halte | Lijn(en) | Traject(en) | Vervoerder(s) |
|---|---|---|---|
| Smolotely, Smolotely | 510 | Smolotely – Příbram | ZDAR |
| Smolotely, Draha | 510 | Smolotely – Příbram | ZDAR |
| Smolotely, Smolotelky | 510 | Smolotely – Příbram | ZDAR |
De volgende fietsroute doorkruist de gemeente:
De volgende wandelroutes doorkruisen de gemeente:

De eerste schriftelijke vermelding van een vesting — toen nog in gotische stijl — dateert van 1515. Ergens in 1605 kocht de familie Chanovský z Dlouhá Ves de vesting aan. Tijdens de Dertigjarige Oorlog was er ten oosten van het huidige Smolotely een Zweeds legerkamp. Jan Felix Chanovský z Dlouhá Ves liet tussen 1719 en 1722 een bedevaartskerk bouwen op de nabijgelegen heuvel Maková. Gedurende deze periode werd de gotische vesting omgebouwd tot een barok kasteel (1706–1732). De eerste vermelding daarvan op schrift dateert van 28 april 1732. Bij het kasteel hoorden destijds ook een brouwerij met hopveld; geleidelijk aan verrezen meer bijbehorende gebouwen voor agrarische doeleinden.
De Eerste Wereldoorlog had geen noemenswaardige invloed op Smolotely, noch op het kasteel. Medio 1915 verwierf de bekende Praagse advocaat Eduard Schwarz het kasteel en landgoed op een openbare veiling. Na zijn dood in 1938 emigreerde de hele familie — met uitzondering van zijn zoon Karel die uiteindelijk in Auschwitz om het leven kwam — naar Ecuador om aan het opkomende nazisme te ontsnappen. Het kasteelbezit werd door het Duitse Rijk in beslag genomen. Na 1945 werd het landgoed teruggegeven aan Karels dochter Ema, maar in 1948 kwam het opnieuw in handen van de staat, ditmaal Tsjecho-Slowakije. Het kasteel werd beheerd door de gemeente Smolotely. Er werden feesten en filmvoorstellingen gehouden. Ook bood het onderdak aan een huisartsenpraktijk, kleuterschool en kantoor van het plaatselijke nationale comité.
Door gebrek aan onderhoud raakte het kasteel door de jaren heen in verval en werd het in 1988 door hetnationale comité verlaten. In 1996 eiste wiskundige Joseph Kohn, kleinzoon van Eduard Schwarz, het kasteel en andere eigendommen op in het kader van restitutie, met succes. Hij liet de voormalige brouwerij renoveren, die werd omgebouwd tot een pension met openbare zaal, die thans fungeert als dorpshuis.
De Sint-Johannes de Doper- en Onze-Lieve-Vrouwe-van-Karmelkerk is in barokstijl gebouwd op de Maková hora (Papaverberg), naar ontwerp van architect Carl Antonio Canevalle. De bouw werd in 1722 voltooid. Op de plafonds van de kerk bevinden zich schilderingen van de vier evangelisten, van de hand van Josef Bosáček. Tijdens de Eerste Wereldoorlog gingen de klokken verloren en werd het orgel ternauwernood gered. Het gebouw is gedurende het einde van de 20e eeuw gerenoveerd.