| Stekeloesters | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Spondylus varius | ||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
| Geslacht | ||||||||||||||||
| Spondylus Linnaeus, 1758 | ||||||||||||||||
| Spondylus (Pliocene) | ||||||||||||||||
| Spondylus linguaefelis | ||||||||||||||||
| (en) World Register of Marine Species | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||

De stekeloesters (Spondylus) behoren tot het enige geslacht tweekleppigen uit de familie Spondylidae.
De schelp, die door algen en andere aangroeisels nauwelijks zichtbaar is, is bezet met lange stekels. De begroeiing zorgt voor een goede camouflage. De schelp wordt twintig centimeter in diameter.
Stekeloesters komen meestal voor op rotsformaties en koraalriffen.
Archeologische vondsten tonen aan dat mensen uit het Laat-Neolithicum de schelpen van de stekeloesters (Spondylus gaederopus) verhandelden vanaf 4500 v. Chr. (Grafveld van Varna). De schelpen waren afkomstig uit de Egeïsche Zee, maar werden ook verkocht in Midden-Europa.
Literatuur
Noten