| De Stenen Man | ||||
|---|---|---|---|---|
De Stenen Man | ||||
| Jaar | 1576 (juliaans) | |||
| Materiaal | Steen | |||
| Locatie | Zeedijk, Harlingen | |||
| Adres | Westerzeedijk | |||
| Coördinaten | 53° 10′ NB, 5° 25′ OL | |||
| Monumentstatus | Rijksmonument | |||
| Monumentnummer | 20803 | |||
| Detailkaart | ||||
| ||||
De Stenen Man op de Westerzeedijk in Harlingen is een replica van een monumentale grenspaal die in 1576 werd geplaatst om het midden van de Vijfdeelenzeedijken te markeren. Deze grenspaal in renaissancestijl was geïnspireerd op de Romeinse goden Terminus, van de grens, en Janus, van het begin en het eind. De officiële naam was Terminus, maar de volksmond maakte er Stenen Man van.
De Vijfdeelenzeedijken strekten zich uit tussen Makkum en Het Bildt. Ze waren in onderhoud bij het waterschap met de naam Contributie der Vijfdeelenzeedijken binnen- en buitendijks. Binnen dit waterschap werkten twee groepen dijkplichtigen samen: buitendijkers, de bewoners van het gebied dat bij een zeedijkdoorbraak direct onder water kwam te staan, en binnendijkers, bewoners van het gebied achter de slaperdijk de Slachte. Buitendijkers werden veel zwaarder belast dan binnendijkers en omdat de geschillen daarover niet bevredigend konden worden opgelost wilden beide partijen een eigen helft in onderhoud, zodat ze niets meer met elkaar hadden te maken. De scheiding zou ingaan als de dijken na de reeks stormen en stormvloeden sinds 1570 op de afgesproken hoogte zouden zijn gebracht. Hoewel dat in 1575 nog niet het geval was drukten raadsheren van het Friese Hof de scheiding door, tegen de zin van de buitendijkers. Deze raadsheren, Johannes Carolus en Adriaan Vastaerts, kwamen daarna met het voorstel om seecker Steenwerck ter plaetse van den scheijdinge te plaatsen. Alleen de binnendijkers waren bereid voor de terminus te betalen. De beide raadsheren legden op 19 juli 1576 de eerste steen. Omstreeks 1725 was de terminus zozeer vervallen dat hij werd afgebroken.

Dijkgraaf Carel George van Wassenaer Obdam en o.a. heer van Twickel liet omstreeks 1774 op eigen kosten een replica van de verdwenen terminus op de oude fundamenten zette. Hij droeg hem op 11 april 1777 in het Franeker Raadhuis over aan het waterschapsbestuur, dat de terminus in het vervolg moest onderhouden. In zijn overdrachtstoespraak noemde hij de terminus een praalbeeld van Caspar de Robles. Het gevolg was dat anderen de terminus beschouwden als een standbeeld met de dubbele beeltenis van de stadhouder. Toen begin negentiende eeuw dominee Sjoerd Nauta, kleinzoon van strandmeester Sipke Nauta, beweerde dat de twee koppen die hij in zijn tuin op een voetstuk had gezet afkomstig waren van de originele terminus werd dat algemeen geloofd. Ze zijn nu onderdeel van de vaste collectie van het Fries museum. Het zijn duidelijk twee verschillende gezichten, die bovendien anders zijn dan de twee gelijke koppen op de replica. De claim dat de terminuszuil met januskoppen bedoeld is als standbeeld voor Caspar de Robles kan niet worden waargemaakt. De replica werd verscheidene keren gerestaureerd. In 1895 werden de stenen koppen vervangen door bronzen exemplaren. De stenen koppen van de replica staan tegenwoordig in de beeldentuin van de buitenplaats De Wildenborch in Vorden.

Op de westkant van de terminus staat: Caspari a Robles Equiti, Domino de Billi, etc. Frisiae Groningae ejusque territorii ac dicentium Gubernatori, quod hanc Provinciam, praeter arma consiliis et munimentis juverit ac inter caetera, aggere ipsis KL NO. MDLXX funditus everso, ampliss. D.Viglii Zuighemi,patris patriae, auxiliaribus operis et adhibitis Igramo ab Achelen Pr., Adriano Vastaert, Petro Frittema et Joanne Carolo Senatoribus consiliorum sociis, novum maris propugnaculum summo labore, vigilia et celebritate, decretis quo que et de suo persolutis diligentiae praemiis, tribus plus minus mensibus à fundamentis erexerit et ad summam manum perduxerit, atque hunc lapidem, sublatis litibus controversiarum terminum esse voluit, gratus provincialium ordo obrem prudenter, bene et fideliter gestam, de se ac de repub. optime merito p.
Deze Latijnse tekst is waarschijnlijk geschreven door Joannes Carolus, raadsheer bij het Friese Hof in Leeuwarden van 1567 tot 1576.
In het Nederlands vertaald:
Op de zuidkant van de terminus staat:
Op de noordkant van de terminus staat:
De Stenen Man kreeg in de volksverhalen een rol vergelijkbaar met boerenkool en ooievaar. Als zwangere Harlinger vrouwen even rust wilden, stuurden ze hun kinderen naar de dijk met de smoes dat als ze drie keer om de Stenen Man heen zouden lopen, er snel een nieuw broertje of zusje zou komen.
Het monument is eigendom van Stichting Waterschapserfgoed.