Strafhaven

De Nes bij Vreeland in 2013: voorheen een strafhaven, nu een natuurgebied
De Nes bij Vreeland in 2013: ooit een overvolle dwanghaven, nu een natuurgebied

Strafhaven, strafligplaats en dwanghaven zijn benamingen waarmee het gebruik van een haven of ligplaats gekarakteriseerd wordt; in veel gevallen dienen ze om bestuursdwang te effectueren. Meer formele termen voor dit Nederlandse fenomeen zijn stapelhaven, depothaven of opleghaven. Geen van deze aanduidingen heeft een juridische of bestuurlijke betekenis, en een haven kan deze functie vervullen zonder aanduiding of reservering.

In strafhavens liggen achtergelaten vaartuigen en wrakken en vaartuigen waarvan de eigenaar of beheerder in overtreding is of een conflict heeft met het openbaar bestuur. Te denken is aan schepen die elders verwijderd moesten worden, waarvoor het havengeld achterstallig is of waarop beslag gelegd is. In de tweede helft van de twintigste eeuw (jaren zestig en zeventig) leidde het ontmoedigingsbeleid voor woonboten tot grootschalige strafhavens Eventueel kan zo'n haven daarnaast andere functies vervullen.

De aanduiding kan officieel of in de volksmond een toponiem worden, zoals in Waddinxveen gebeurde.

Woonboten

Strafhavens werden vooral gebruikt voor woonarken en woonschepen. Op grond van de Wet op de Woonwagens en Woonschepen uit 1918 en het bijbehorend Reglement uit 1919 werden woonboten en woonwagens niet als gelijkwaardig alternatief voor woonhuizen beschouwd, maar onderworpen aan onnodig bezwarende maatregelen, zoals erkend werd bij de intrekking in 1991. Vanwege de woningnood na de Eerste en Tweede Wereldoorlog werden woonboten veelal gedoogd, maar dat veranderde in de jaren zestig. Men probeerde tot in de jaren tachtig het aantal woonboten en ligplaatsen terug te dringen met beleidsmaatregelen en ook door de bewoners het leven zuur te maken. Provincies hanteerden vanaf 1964 landschapsverordeningen gericht op inperking, waarin het belang van de bewoners secundair was. Hoewel de rechter bezwaren vaak honoreerde vanwege het recht op wonen, liepen de strafhavens vol. In 1975 probeerde staatssecretaris Marcel van Dam het ontmoedigingsbeleid een wettelijke basis te geven met het wetsontwerp Wet Woonschepen, maar dat ging niet door na verweer van de Landelijk Woonboten Overleg (LWO). De massale strafhavens zijn daarna verdwenen.

Locaties

Augustus 2019:De Hennipsloot, gezien vanaf de voetgangersbrug over het Zevenhuizer Verlaat, die dit vaarwater scheidt van de jachthaven
Augustus 2019: De Hennipsloot, gezien vanaf de voetgangersbrug over het Zevenhuizer Verlaat dat de scheiding met de jachthaven vormt

Strafhavens waren er vooral in de waterrijke westelijke provincies. Ze zijn er in elk geval geweest in Aalsmeer, Groningen, Haarlemmermeer, Leiden, Meppel, Vreeland, Waddinxveen, Zuidplas en Zwolle; plannen of proefballonnen zijn er geweest voor Amsterdam, Eemland, Giethoorn, Hoogezand-Sappemeer (Foxholstermeer), Mijdrecht, Rotterdam en Vinkeveen.

Enkele voorbeelden: