Tombeau

Een tombeau (Frans voor grafmonument) is een instrumentaal werk dat een hommage is aan een overledene, vaak een componist. Het merendeel hiervan werd gecomponeerd tijdens de barok, en in het bijzonder voor luit of theorbe. In het begin van de zestiende eeuw werd de term ook gebruikt voor gedichten met dezelfde strekking.

Geschiedenis

Het oudst bekende muzikale voorbeeld is de Tombeau de Mezangeau (ca. 1638) door Ennemond Gaultier (ca. 1575–1651), ter ere van de luitist René Mezangeau (fl. 1567–1638).

Toen de luitist Charles Fleury, sieur de Blancrocher in 1652 door een val van de trap om het leven was gekomen, componeerden minstens vier componisten ter ere van hem een tombeau. Een van hen was Johann Jakob Froberger, die het ongeluk zag gebeuren en in wiens armen Blancrocher stierf.

Het genre raakte aan het eind van de achttiende eeuw in onbruik, maar werd in de twintigse eeuw nieuw leven ingeblazen, bijvoorbeeld in 1914–1917 door Maurice Ravel met Le tombeau de Couperin en in 1920 door tien componisten samen in de Tombeau de Debussy.

Andere voorbeelden