toeneemt met de verstrooiingshoek θ, waarbij E de energie van het verstrooide α-deeltje is.
Atoommodel
Uit de resultaten van het experiment kon afgeleid worden dat de positieve lading binnen het goudatoom niet homogeen verdeeld is binnen het atoom, zoals tot die tijd werd aangenomen volgens het atoommodel van Thomson. Indien de positieve ladingen als een wolk binnen een atoom verdeeld zouden zijn, zouden de alfadeeltjes niet zo sterk verstrooid worden door de sterke coulombkrachten. Als de positieve, elektrische lading in het centrum van het atoom geconcentreerd is, dan worden enkele alfadeeltjes door de sterke coulombkrachten sterk verstrooid, terwijl de meeste alfadeeltjes, doordat ze door lege ruimte tussen de atoomkernen bewegen, niet verstrooid worden. Dit fenomeen werd in het experiment aangetroffen.
Om de resultaten van experimenten rond de verstrooiing van α-stralen door materie te verklaren, heeft prof. Rutherford een theorie opgesteld over de structuur van atomen. Volgens deze theorie bestaan atomen uit een positief geladen kern die omgeven is door een systeem van elektronen, bijeengehouden door de aantrekkingskracht van de kern; de totale negatieve lading van de elektronen is gelijk aan de positieve lading van de kern. Verder wordt aangenomen dat de kern het grootste deel van de atoommassa vertegenwoordigt, en dat de afmetingen van de kern uiterst klein zijn in vergelijking met die van het hele atoom. Het aantal elektronen in een atoom is bij benadering gelijk aan de helft van de [relatieve] atoommassa. Aan dit atoommodel moet groot belang worden gehecht; want, zoals Rutherford heeft aangetoond, lijkt het bestaan van kernen, zoals die in dit geval, noodzakelijk te zijn om de resultaten te verklaren van de experimenten betreffende de verstrooiing van de α-stralen onder grote hoeken.
Gevolg van het experiment was dat het tot dan toe geaccepteerde atoommodel van Thomson werd verworpen.
Rutherford onderzocht ook de inelastische verstrooiing van elektrisch geladen deeltjes aan lichte atoomkernen, zoals de bestraling van waterstofatoomkernen met alfadeeltjes. Hoewel deze verstrooiingsexperimenten op de elastische verstrooiingsexperimenten lijken worden ze niet met de term "rutherfordverstrooiing" aangeduid.
↑In order to explain the results of experiments on scattering of α rays by matter Prof. Rutherford has given a theory of the structure of' atoms. According to this theory, the atoms consist of a positively charged nucleus surrounded by a system of electrons kept together by attractive forces from tile nucleus; the total negative charge of the electrons is equal to the positive charge of the nucleus. Further, the nucleus is assumed to be the seat of the essential part of the mass of the atom, and to have linear dimensions exceedingly small compared with the linear dimensions of the whole atom. The number of electrons in an atom is deduced to be approximately equal to half the atomic weight. Great interest is to be attributed to this atom-model; for, as Rutherford has shown, the assumption of the existence of nuclei, as those in question, seems to be necessary in order to account for the results of the experiments on large anglo scattering of the α rays.