| Тураўскае княства Toerawskaje knjastva | |||||
|---|---|---|---|---|---|
| deelvorstendom van het Kievse Rijk | |||||
| |||||
| Kaart | |||||
■ Het Koninkrijk Galicië-Wolynië in de 14e eeuw, met het vorstendom Toeraw als vazalstaat in het noordoosten | |||||
| Algemene gegevens | |||||
| Hoofdstad | Toeraw | ||||
| Talen | Oudoostslavisch | ||||
| Religie(s) | Metropool van Kyiv | ||||
| Regering | |||||
| Regeringsvorm | vorstendom | ||||
Het vorstendom Toeraw (Belarusisch: Тураўскае княства, Toerawskaje knjastva; Oekraïens: Турівське князівство, Toerivske knjazistvo; Russisch: Туровское княжество) was sinds de 10e eeuw een oorspronkelijk zelfstandig en later deelvorstendom van het Kievse Rijk, op het grondgebied van het huidige zuidelijk Belarus en noordelijk Oekraïne. De vorsten van Toeraw waren vaak ook grootvorst van het Kievse Rijk. De hoofdstad van het vorstendom was Toeraw. Andere belangrijke steden waren Pinsk, waarnaar het vorstendom ook wel Toeraw-Pinsk wordt genoemd (Belarusisch: Турава-Пінскае княства, Toerava-Pinskaje knjastva; Oekraïens: Турово-Пінське князівство), en Sloetsk.
Na 1320 werd het een deel van het grootvorstendom Litouwen.
Volgens de legende zou de stad Toeraw rond 950 gesticht zijn door Toer, een broer van Rogvolod van Polotsk. Hoewel de precieze omstandigheden van zijn ontstaan niet duidelijk zijn, wordt het vorstendom in de Nestorkroniek vermeld als zich omstreeks 980 in het gebied van de Dregovitsjen bevindend.
In de tijd van Vladimir van Kiev werd de stad Toeraw met het aangrenzend gebied een deel van het Kievse Rijk.
Aan het eind van de 10e eeuw werd de achtjarige Svjatopolk door Vladimir aangesteld als vorst van Toeraw. Vladimir regelde ook diens huwelijk met de dochter van koning Bolesław I van Polen. Aangespoord door zijn vrouw, en Reinbern, de Calabrische bisschop die haar in haar kielzog volgde, maakte Svjatopolk plannen voor een veldtocht tegen Vladimir. Toen deze de plannen vernam liet hij Svjatopolk, zijn vrouw en Reinbern opsluiten. Kort voor de dood van Vladimir werd Svjatopolk vrijgelaten en naar Vysjgorod gezonden om er het bestuur op zich te nemen.
In 1042, na een huwelijk met Gertrude van Polen, werd Izjaslav Jaroslavitsj tot vorst van Toeraw benoemd. Na het overlijden van Izjaslav werd het vorstendom aan zijn oudste zoon Jaropolk Izjaslavitsj gegeven.
In 1069 kreeg Jaropolk van de nieuwe grootvorst Vsevolod ook Wolynië. Jaropolk had regelmatig conflicten met de naburige vorsten van Galicië die hun macht naar Wolynië wilden uitbreiden. Dat gebied werd evenwel van 1073 door Oleg van Tsjernigov bezet. Na het in 1078 teruggewonnen te hebben benoemde grootvorst Vsevolod in 1086 David Igorjevitsj in Wolynië, hetgeen de bittere tegenstand van Jaropolk veroorzaakte. Tijdens zijn conflict met Kiev werd Jaropolk gedwongen naar Polen te vluchten, zijn familie in Loetsk achterlatend. Hij mocht in 1100 terugkeren. In 1118 werd hij onder onbekende omstandigheden vermoord.
Het vorstendom Toeraw werd overgedragen aan zijn jongere broer Svjatopolk II, die ook het land van Novgorod bestuurde. Toen Svjatopolk grootvorst van Kiev werd, gaf hij het vorstendom Toeraw aan Vjatsjeslav, zijn neef en zoon van Jaropolk. Als grootvorst probeerde Svjatopolk ook om de opstandige vorsten van Halytsj te onderwerpen, maar zijn pogingen waren weinig succesvol. In 1100 werd het vorstendom Toeraw aan Jaroslav Svjatopolkovitsj gegeven, welke de beide landen van Toeraw en Wolynië regeerde. Tijdens een nieuw conflict tussen de vorst van Toeraw en de grootvorst van Kiev werd Jaroslav in 1118 uit zijn rijk gezet. Het land van Toeraw werd vervolgens doorgegeven aan Brjatsjislav, een andere zoon van Svjatopolk, terwijl Wolynië aan Roman, een van de zonen van Vladimir Monomach werd gegeven.
Na de dood van Brjatsjislav gaf Monomach het vorstendom Toeraw aan zijn zoon Vjatsjeslav die het tot het midden van de 12e eeuw behield.
Rond 1150-60 kwam Toeraw aan Andrej en Boris, de zonen van Joeri Dolgoroeki. Uiteindelijk werd het prinsdom in 1162 door Dolgoroeki teruggegeven aan een van de Izjaslavitsjen, Joeri Jaroslavitsj, kleinzoon van Svjatopolk II, welke de gehele onafhankelijkheid van het Kievse Rijk verkreeg. Onder zijn nakomelingen raakte het vorstendom echter meer en meer verdeeld. Een semi-onafhankelijk vorstendom Pinsk ontstond. Samen met het vorstendom Smolensk nam het leger van Toeraw deel aan de Slag aan de Kalka in 1223.
In het begin van de 13e eeuw werd het vorstendom Toeraw afhankelijk van het koninkrijk Galicië-Wolynië. Om zich hiervan te bevrijden richtten de vorsten van Toeraw zich meer en meer naar het grootvorstendom Litouwen. Uiteindelijk werd het vorstendom in 1320 door Gediminas bij Litouwen gevoegd.
Onder het Pools-Litouwse Gemenebest werd het grondgebied van het voormalige vorstendom deel van de woiwodschappen Brest-Litovsk, Nowogródek, en Minsk.