Whitman Cross

Charles Whitman Cross (Amherst, 1 september 1854 - Chevy Chase, 20 april 1949) was een Amerikaans geoloog en petroloog. Cross is bekend van zijn nauwkeurige onderzoek van de geologie van Colorado, en hij droeg bij aan de chemische classificatie van stollingsgesteente.

Levens loop en werk

Whitman Cross groeide op in Iowa, waar zijn vader predikant was. Om te studeren ging hij terug naar Massachusetts, waar hij aan Amherst College in 1875 een BS behaalde. Daarna studeerde hij in Duitsland, eerst aan de universiteit van Göttingen en later aan die van Leipzig, waar hij in 1880 bij Ferdinand Zirkel promoveerde. Hij maakte zich het in Duitsland opgekomen gebruik van de polarisatiemicroscoop eigen en nam dit mee terug naar Amerika. Daar werkte hij tussen 1880 en 1935 voor de geologische dienst (UGGS). Aanvankelijk was hij gestationeerd in Denver. Vanuit Denver karteerde hij in de Rocky Mountains rond Aspen en Colorado Springs, een gebied bekend van de mijnbouw. Onder andere werd er goud, koper, zilver, zink en lood gewonnen.

Vanaf 1903 was Cross de belangrijkste petroloog van de UGGS en belast met naamgeving van gesteentetypes. Hij werkte samen met Joseph Iddings, Louis Pirsson en Henry Washington om een classificatie van gesteente op grond van chemische samenstelling te realiseren. Dit werk leidde tot de veelgebruikte CIPW-norm, die de vier onderzoekers in 1903 samen publiceerden.

Cross was een van de bekendste veldwerkers van zijn tijd. Hij was niet alleen geïnteresseerd in de beschrijving en classificatie van gesteente maar bracht ook nauwkeurig de ligging en structuur van geologische eenheden in kaart. De geologie van de Rockies is complex; ze bestaat uit een Precambrische sokkel die deels is afgedekt met jonger sedimentair gesteente en afzettingen van Neogeen vulkanisme. Het gebied was slecht ontsloten en de expedities bestonden uit assistenten, kampwerkers, muildieren, paarden en tenten. Rond 1895 verlegde Cross zijn werkgebied naar de San Juan Mountains in het uiterste zuidwesten van Colorado. Hoewel hij voornamelijk actief was in Colorado, bezocht hij ook andere locaties voor zijn werk, zoals de vulkanen in Washington en Hawaï.

In zijn latere loopbaan werkte Cross ook voor de organisatie van wetenschap in Amerika. In 1908 werd hij lid van de National Academy of Sciences en vanaf 1918 van de National Research Council. In 1918 was hij voorzitter van de Geological Society of America. Ook was hij tussen 1925 en 1949 als petroloog verbonden aan het Smithsonian-instituut.

Na zijn pensioen verhuisden Whitman Cross en zijn vrouw naar Chevy Chase in Maryland, waar hij in 1949 overleed. Het mineraal crossiet is naar hem genoemd.