| Zomerandoorn | ||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||||
| Stachys annua (L.) L. (1763) | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
Zomerandoorn (Stachys annua) is een plantensoort uit de lipbloemenfamilie (Lamiaceae).
Zomerandoorn is een eenjarige plant die een hoogte kan bereiken van 7–30 cm. Ze vormt een penwortel. De rechtopstaande, zacht behaarde stengel is tegenoverstaand vertakt. Het blad is 2–5 cm lang en 0,5–1,5 cm breed en heeft een afgeronde of wigvormige voet. De bladrand is gekarteld. De gesteelde grondbladeren zijn langwerpig en hebben een stompe top. De zittende tot vrijwel niet gesteelde stengelbladeren zijn langwerpig en hebben een spitse top. De plant bloeit vanaf juni tot in november met witgele, 10–16 mm grote bloemen, die soms rode vlekken hebben. De bovenlip is geel. De bloeiwijze is een schijnkrans en bestaat uit twee tot zes bloemen. De behaarde kelk zonder de kelktanden is 7–9 mm lang. De tanden van de kelk zijn langwerpig en hebben een stekelige punt. De vrucht is een vierdelige splitvrucht met zwartbruine, 2 mm lange nootjes. De nootjes zijn stompkantig en bezet met zeer fijne puntjes. Het aantal chromosomen is 2n = 34.
Zomerandoorn staat op open, zonnige, warme, matig stikstofarm tot matig stikstofrijk, matig voedselrijk, droge tot matig vochtige, kalkhoudende zand- of stenige leembodems, ook op mergel. Ze groeit in akkers, in wijngaarden, op omgewerkte grond en op ruderale plaatsen. In West-Europa gaat de soort op veel plaatsen achteruit door de intensievere landbouw met al haar gevolgen als herbiciden- en kunstmestgebruik. Bestuiving geschiedt door bijen en hommels. De vruchtkelken met rijpe zaden, die slechts een korte tijd hun kiemkracht behouden, worden door de wind of als klit verspreid. De plant werd vroeger gebruikt tegen hekserij en toverkunst. Medisch werd ze aangewend tegen een aantal kwalen.
In de syntaxonomie staat zomerandoorn te boek als kensoort voor het naaldenkervel-verbond.
Het natuurlijke verspreidingsgebied van zomerandoorn strekt zich uit over Zuid- en Centraal-Europa en Zuidwest-Azië en is inheems in Wallonië. De noordwestelijke grens van het Europese deel van het areaal reikt op het vasteland tot in België. Tot 1900 was de soort in Nederland zeer zeldzaam en vormde hier een voorpost. In Nederland wordt de soort alleen nog maar adventief aangetroffen.