| Andrea I Thopia | ||
|---|---|---|
| ?-1342 | ||
Andrea I Thopia en prinses Helena | ||
| Graaf van Mat | ||
| Periode | 1338-1342 | |
| Voorganger | Tanush I Thopia | |
| Opvolger | Karl Thopia | |
| Familie | ||
| Vader | Tanush I Thopia | |
| Dynastie | ||
| Partner | Helena Anjou | |
| Kinderen | Karl Thopia | |
Andrea I Thopia (?-1342) was van 1338 tot 1342 de Graaf van Mat en de zoon van stamvader Tanush I Thopia. Andrea I Thopia zijn heerschappijen over het vorstendom Thopia in Centraal-Albanië werden opgevolgd door zijn zoon Karl Thopia, de latere prins van Albanië.
De vader van Andrea I, de Albanese edelman Tanush I Thopia; stamvader van de Thopia-dynastie, werd in 1329 benoemd tot een van de graven van Albanië tijdens de heerschappij van het Huis Anjou-Sicilië in het Koninkrijk Albanië. Tanush werd benoemd tot een lokale graaf van Mat (conte di Matia). Dit kwam voort uit de goede relatie tussen de Thopia's en koning Filips I van Tarente. In 1343 had de Servische koning Stefan Dušan bijna heel Albanië veroverd, behalve Durrës, dat onder heerschappij van Tanush bleef. Andrea I volgde de heerschappij van zijn vader in 1338 op.
Tijdens de heerschappij in Albanië door Robert van Anjou ontmoette zijn dochter Helena, Andrea I Thopia waarna ze, zonder toestemming van haar vader Robert, zouden trouwen. Robert van Anjou nodigde het echtpaar onder valse voorwendselen uit in Napels en liet ze daar om het leven brengen nadat Andrea I heerschappij wilde over het Koninkrijk Albanië. Andrea's zoon Karl Thopia wist later de heerschappij van de Anjou-dynastie te stoppen door Lodewijk van Navarra uit Albanië te verjagen. Karl stichtte in 1368 het Prinsdom Albanië.