| Cephalomanes | ||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Cephalomanes javanicum | ||||||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
| Geslacht | ||||||||||||||||
| Cephalomanes Presl (1843) | ||||||||||||||||
| Typesoort | ||||||||||||||||
| Cephalomanes atrovirens C.Presl (1843) | ||||||||||||||||
| ||||||||||||||||
Cephalomanes is een geslacht van ongeveer dertig soorten varens uit de vliesvarenfamilie (Hymenophyllaceae). Het zijn kleine tot middelgrote epifytische en lithofytische varens uit equatoriale en tropische streken van Azië en de Stille Oceaan.
De botanische naam Cephalomanes is afgeleid van Oudgrieks κεφαλή (kephalē), 'hoofd' en μάνης (manēs), 'kopje', naar de vorm van de sporenhoopjes.

Cephalomanes-soorten zijn kleine tot middelgrote overblijvende varens met korte, dikke tot lange, kruipende behaarde rizomen en talrijke, stevige wortels. De bladen zijn slechts enkelvoudig geveerd.
De sporenhoopjes zitten op de nerven op de top van de blaadjes, en dragen kopvormige dekvliesjes met een receptaculum, een haarvormig uitgroeisel van het sporenhoopje, dat als een borsteltje boven het dekvliesje uit steekt.
Cephalomanes is in 1843 benoemd door Presl, maar werd nadien terug opgenomen in een ander geslacht. In 2006 werd het terug opgewaardeerd tot apart geslacht door Ebihara en anderen, op basis van fylogenetisch DNA-onderzoek. Een aantal van de oorspronkelijke soorten zijn ondergebracht bij de zustergeslachten Abrodictyum en Callistopteris.
Het geslacht omvat naar geval van de bron vijftien tot zestig soorten. De typesoort is Cephalomanes atrovirens.