Édouard Lalo

Édouard Lalo
Édouard Lalo omstreeks 1865
Édouard Lalo omstreeks 1865
Persoonsgegevens
Volledige naam Édouard Victoire Antoine Lalo
Geboren 27 januari 1823
Overleden 22 april 1892
Land Vlag van Frankrijk Frankrijk
Handtekening Handtekening
Opleiding en beroep
Opleiding gevolgd aan Regionaal Conservatorium van RijselBewerken op Wikidata
Leermeester(s) Pierre de Sales Baillot, François-Antoine Habeneck, Julius SchulhoffBewerken op Wikidata
Beroep(en) muziekpedagoog, violist
Oriënterende gegevens
Instrument viool, cello
Stijl(en) klassieke muziekBewerken op Wikidata
Belangrijkste werken Symphonie Espagnole, Le Roi d'Ys, Fantaisie norvégienne (Concert nr. 3), Concerto russe (Concert nr. 4) in f mineur, Celloconcert
Erkenning en lidmaatschap
Documentatie­locatie Lalo, EdouardBewerken op Wikidata
Prijzen en erkenningen Officier in het Legioen van EerBewerken op Wikidata
Links
(en) IMDb-profiel
(en) Allmusic-profiel
(en) Discogs-profiel
(en) MusicBrainz-profiel
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Édouard Victoire Antoine Lalo (Rijsel, 27 januari 1823 - Parijs, 22 april 1892) was een Frans violist en componist. Hij behoort tot de vernieuwingsgezinde componisten in het Frankrijk van de tweede helft van de negentiende eeuw. Hij componeerde vooral instrumentale muziek, maar ook opera's. In zijn eigen tijd bleef Lalo voor het grote publiek langdurig onbekend, maar na 1870 was zijn roem gevestigd. Zijn bekendste werken zijn de Symphonie espagnole (1874) voor viool en orkest, het Celloconcert (1877) en de opera Le roi d’Ys (1888).

Levensloop

Jeugd en opleiding

Lalo, een telg uit een officiersgezin dat in de 16e eeuw van Spanje naar Frankrijk geëmigreerd was, had al vroeg interesse voor muziek. Vanaf 1833 studeerde hij muziektheorie en viool bij een docent Müller en cello bij Peter Baumann aan het Conservatoire de Lille in Rijsel. In 1839 verhuisde hij naar Parijs en studeerde viool bij Pierre de Sales Baillot en later bij François-Antoine Habeneck aan het Conservatoire de Paris. Verder studeerde hij privé compositie bij de pianist en muziekleraar Julius Schulhoff en bij Joseph-Eugène Crèvecoeur (1819-1891), maar later beschouwde hij zichzelf als compositorisch autodidact. Zijn levensonderhoud verdiende Lalo als orkestviolist (in 1849-1850) en muziekleraar.

Violist en componist

Zijn eerste bekende composities zijn liederen met pianobegeleiding uit 1848, waarvan hij twee partituren heeft voorgelegd aan Hector Berlioz. Hij raakte bevriend met de violist Jules Armingaud en diens vertrouweling, de componist en vioolvirtuoos Pablo de Sarasate. In 1855 richtte hij met Armingaud, Joseph Mas et Léon Jacquard een strijkkwartet op, het "Quatuor Armingaud", waarin hij aanvankelijk altviool en later tweede viool speelde. Hij woonde toen met zijn eerste vrouw in Puteaux in een financieel slechte situatie. Omdat toen in Frankrijk instrumentale muziek niet populair was – met uitzondering van enige werken van Haydn, Mozart en Beethoven – had hij met zijn kamermuziek geen groot succes. Hij ontving meermalen de steun van Charles Gounod, die zijn muziek waardeerde. In 1859 richtte hij een eigen strijkkwartet op. In 1865 huwde hij zijn tweede vrouw, de altzangeres Julie Bernier de Maligny. Ze vertrokken naar Parijs, wat hogere sociale kringen voor hem opende.

De doorbraak als componist

Zowel in zijn eigen muziekkamer als in andere privésalons in de Franse hoofdstad gaf hij concerten op vrijdagavond. Pas vanaf het begin van de jaren 1870 boekte hij zijn eerste successen. Na de verloren Frans-Duitse Oorlog van 1870-1871 werd onder leiding van Camille Saint-Saëns en Romain Bussine de Société nationale de musique opgericht, die zich inzette voor de vernieuwing van de Franse muziek. Dit gezelschap steunde de uitvoering van eigentijdse Franse instrumentale muziek om te concurreren met de als dominant opgevatte Duitse traditie. Ook werken van Lalo werden daarbij geprogrammeerd. De vooraanstaande dirigenten Charles Lamoureux en Étienne Jules Pasdeloup zetten zich in voor zijn composities en de vioolvirtuoos Pablo de Sarasate speelde in 1874 en 1875 zijn vioolconcerten opus 20 en 21. Het waren grote successen en het tweede vioolconcert, getiteld Symphonie Espagnole op. 21, is altijd zijn bekendste instrumentale werk gebleven.

Opera

Door deze successen aangemoedigd nam hij ook als operacomponist een nieuwe aanloop, nadat het op Schiller gebaseerde Fiesque uit 1866 het nooit tot een opvoering had gebracht. Lalo verwerkte de muziek twintig jaar later in zijn Symfonie in g-mineur. Fiesque werd pas in 2007 voor het eerst scenisch opgevoerd te Mannheim.

De in 1878 begonnen opera Le Roi d'Ys, gebaseerd op de Bretonse legende over de verzonken stad Ker-Ys, sloot Lalo af in 1887. Na enkele concertante deeluitvoeringen werd het werk door de theaterdirecties afgekeurd, maar in 1888 betekende de première in de Opéra-Comique in Parijs voor Lalo de uiteindelijke doorbraak. Van zijn opera's is La jacquerie onvoltooid gebleven. De aktes 2 tot en met 4 werden voltooid door Arthur Coquard, een door César Franck opgeleide componist. De opera ging drie jaar na Lalo's dood in première.

Van de onvoltooide opera Savonarole bestaan slechts enkele scènes.

Composities

De oudere Lalo

Werken voor orkest

Muziektheater

Affiche voor de première van Le Roi d'Ys in 1888

Opera's

Voltooid in titel aktes première libretto
1866-1868 Fiesque 3 2007, Mannheim Charles Beauquier naar Friedrich von Schiller "Die Verschwörung des Fiesco zu Genua"
1878-1887 Le Roi d'Ys 3 7 mei 1888, Parijs, Opéra-Comique Édouard Blau
~1889 La Jacquerie
aktes 2, 3, 4 voltooid door Arthur Coquard
4 9 maart 1895, Monte Carlo Édouard Blau, Simone Arnaud naar Prosper Mérimée

Balletten

Voltooid in titel aktes première libretto choreografie
1881-1882 Namouna 2 aktes 6 maart 1882, Parijs, Opéra Garnier Charles Nuitter, Lucien Petipa naar de memoires van Giacomo Casanova
1891 Néron 3 taferelen 28 maart 1891, Parijs, Hippodrome de l'Alma Paul Milliet

Vocale muziek

Liederen

Kamermuziek