
Georg Geldorp (Keulen, ca. 1590/1595 - Londen, 14 november 1665) was een portretschilder, kunsthandelaar, kopiist, restaurator en hofkunstenaar.
Geldorp was de zoon van de schilder Geldorp Gortzius en de broer van schilder Melchior Geldorp.
Geldorp begon zijn carrière in Keulen. Rond 1610 vestigde hij zich in Antwerpen, waar hij als wijnmeester lid werd van het Sint-Lucasgilde. Hij was ook lid van de rederijkerskamer De Violieren. In deze periode trouwde hij tweemaal: eerst met Margriet Parmentiers, die overleed bij de geboorte van hun dochter, en later met Anna de Vos, de dochter van schilder Willem de Vos.
In 1623 verhuisde Geldorp naar Londen, waar hij de rest van zijn leven werkzaam bleef. In zijn beginjaren werkte hij als portretschilder, maar vanaf de jaren 1630 richtte hij zich steeds meer op de handel in schilderijen en het schoonmaken en inlijsten ervan. Hij werd een prominente figuur in de kunstwereld van Londen, geliefd bij mensen van aanzien. Als huisbaas van beroemde kunstenaars zoals Peter Lely en Antoon van Dyck bemiddelde hij tevens tussen Peter Paul Rubens in Antwerpen en de kunstverzamelaar Everhard Jabach in Keulen. Aan het ontwerp van de triomfboog voor de inauguratie van koning Karel I in Londen in 1625 leverde hij eveneens een bijdrage. In de handel in kopieën van werken van Van Dyck werkte hij samen met zijn schoonzoon Remigius van Leemput, die in veel gevallen de kopiist was. Na de Engelse Burgeroorlog was hij betrokken bij het herstel van de koninklijke kunstcollectie, waarvoor hij in 1662 werd beloond met de functie van "picture-mender and cleaner" aan het hof. Daarnaast was hij leraar van de schilder Isaac Sailmaker.
Joachim von Sandrart noemde hem echter een slechte tekenaar, die voorbeelden van andere schilders nodig had om zijn portretten vorm te geven.