Jan Koopman

Pater Koopman voor het huis van D66 Tweede Kamerlid mevrouw Wessel (1977)

Jan Koopman, s.s.s. (Spierdijk, Gemeente Berkhout, 23 augustus 1920 – Nijmegen, 20 mei 1997) was een Nederlandse katholieke geestelijke, missionaris en lid van de Congregatie van het Allerheiligst Sacrament. Hij genoot vooral bekendheid door zich tot zijn dood in te zetten tegen abortus provocatus.

Pater Koopman werd als zoon van een bollenboer geboren in een gezin van tien kinderen. In de oorlogsjaren was hij actief in het verzet waarvoor hij in 1980 een koninklijke onderscheiding kreeg.

Priester en missionaris

Koopman is in 1957 priester gewijd in Nijmegen waar hij intrad bij de Paters Sacramentijnen (Societas Sanctissime Sacramenti (s.s.s.). Zijn congregratie zond hem naderhand naar Brazilië, alwaar hij van 1968 tot 1972 missionaris was in Porto Alegre, in het zuiden van Brazilië. 'Na vijf jaar kreeg hij echter sterk het verlangen om terug te keren naar Nederland, om iets te doen tegen de seksuele revolutie, en de opkomende acceptatie van abortus.' Na het bidden van drie novenen van elk 9 dagen is de pater naar de bisschop gegaan om te vragen wat hij moest doen. "Wat hij zegt; dát doe ik!" zei Koopman daar later over. De bisschop antwoordde: "Ga terug naar Nederland, want wij hebben last van de slechte invloeden die bij jullie vandaan komen."

Pro-life activiteiten

In 1973 richtte hij de Stichting voor Recht Zonder Onderscheid (STIREZO) op, die het kader zou vormen van zijn vele prolifeactiviteiten. Deze naam was een woordspeling op de Stichting voor Medische Verantwoorde Zwangerschapsonderbreking (Stimezo) die in 1970 was opgericht.

Protesten bij abortuscentra

Hij was de eerste die in 1974 demonstreerde nabij abortusklinieken en er pro-lifefolders uitdeelde. De pater voerde spraakmakende acties uit.

Bezetting hijskraan

In Amsterdam besteeg hij in 1978 een hoogwerker, welke hij twee dagen en twee nachten heeft bezet. Zelf vertelde de pater daar later over: "Eigenlijk waren we van plan een kraan in Den Haag te bezetten," maar dat bleek niet haalbaar. "Op weg naar het noorden passeerde ik [een] kraan in Amsterdam en dat was echt liefde op het eerste gezicht. [..] Veertig meter hoog!" Ook zei hij: "Het is natuurlijk niet gewoon als een priester een hijskraan gaat bezetten. Maar het is óók niet gewoon als er dagelijks honderden kinderen worden gedood!" [door abortus provocatus].

Klokken luiden Martinitoren

Op de feestdag van de Onschuldige Kinderen, 28 december (1989), beklom Koopman met een groep studenten de Martinikerk (Groningen) om illegaal de klokken te luiden. 'Dit is de dag waarbij de Kerk de kindermoord van Bethlehem herdenkt. Speciaal voor deze kinderen worden als vanouds de klokken geluid.' Onder leiding van een gids waren ze de toren binnengegaan voor een rondleiding. Met een smoes wisten ze de gids naar buiten te leiden, waarna ze de deur blokkeerden en een uur lang de klokken hebben laten luiden over de stad. Uiteindelijk maakte de politie met zachte hand een einde aan de actie.

13 jaar Binnenhof

Iedere tweede dinsdag in de maand liet pater Koopman van zich horen op het Binnenhof, waar hij door een grote menigte werd vergezeld. Dit heeft hij gedaan vanaf het moment dat abortus provocatus in Nederland werd gelegaliseerd, in 1982, tot aan het moment dat hij wegens zijn gezondheid hiermee moest stoppen, in 1994. Vergezeld van een beeld van de Heilige Maagd Maria uit Fatima (Portugal) en vaak honderden gelovige sympathisanten werd dan de Rozenkrans van Maria gebeden. Ook werden er toespraken gehouden. Ook enkele katholieke bisschoppen wist Koopman te motiveren om naar het Binnenhof te komen.

In de media was de katholiek de voornaamste woordvoerder van de Pro-life-beweging, samen met de gereformeerde Bert Dorenbos.

Niet alleen abortus werd door pater Koopman aangeklaagd. De film The Last Temptation of Christ kon in 1987 op zijn misgunst rekenen: "Een godslasterlijke film zien berokkent grote geestelijke schade; voor ieder persoonlijk is het leven enkele reis en definitief: eeuwig heil of onheil."

Pater Koopman overleed in 1997. Zijn slechte gezondheid was slechts bij intimi bekend. Zijn werk werd voortgezet door Frans van Winden en Jan de Hommel.

Zie de categorie Jan Koopman van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.