| Muurvaren | ||||||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
| Soort | ||||||||||||||||||
| Asplenium ruta-muraria L. (1753) | ||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||
Muurvaren (Asplenium ruta-muraria) is een plantensoort uit de streepvarenfamilie (Aspleniaceae).
Muurvaren is een kruidachtige cryptogaam. De leerachtige bladeren zijn 3–15 cm lang. De bladsteel is langer dan de bladschijf. De laatste is ruwweg driehoekig en verdeeld in deelblaadjes die rond, driehoekig of ruitvormig zijn. Het blad is twee- tot drievoudig geveerd. De sporenhoopjes zijn lang en dun en zitten aan de basis van de deelblaadjes. Ze vormen bij rijpheid één geheel. Tussen juni en oktober zijn de sporen rijp.
Muurvaren is een kalkminnende chasmofyt. Ze komt op zowel beschaduwde als zonnige standplaatsen voor. Van oorsprong is zij een rotsplant, maar heeft zich op natuurlijke wijze ook in muurvegetatie gevestigd. In de Lage Landen is de soort winterhard.
In de syntaxonomie staat muurvaren te boek als transgrediërende kensoort voor de muurvaren-associatie (Asplenietum ruto-murario-trichomanis).
Het oorspronkelijke verspreidingsgebied van muurvaren strekt zich uit over de Europese en Noord-Amerikaanse gebergten, verspreid komt zij ook in Azië voor.