Naltrexon

Esculaap
Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Naltrexon
Chemische structuur
Naltrexon
Naltrexon
Farmaceutische gegevens
Plasma-eiwitbinding 21%
Halveringstijd (t1/2) 4 uur (naltrexon),
13 uur (6-β-naltrexol), actieve metaboliet
Uitscheiding renaal
Gebruik
Andere namen ReVia, Vivitrol
Toediening oraal
Risico met betrekking tot
Zwangerschapscat. B3 (Australië)
Databanken
CAS-nummer 16590-41-3
ATC-code N07BB04
PubChem 5360515
DrugBank APRD00005
Fysisch-Chemische gegevens
Molecuulformule C20H23N1O4
IUPAC-naam 17-(cyclopropylmethyl)-4,5α-epoxy- 3,14-dihydroxymorphinan-6-one
Smeltpunt 169 °C
Portaal  Portaalicoon   Geneeskunde

Naltrexon is een door meerdere fabrikanten op de markt gebracht medicijn, opioïde receptor antagonist, dat wordt gebruikt als hulpmiddel bij het bestrijden van opioïdenverslaving en alcoholverslaving. De langetermijnresultaten hiermee zijn nog niet bekend, daarom raadt de Nederlandse CFH Commissie Farmaceutische Hulp aan terughoudend met de toepassing te zijn. De commissie heeft het middel voor de behandeling van verslaving aan opiaten nog niet beoordeeld.

Theorie

Alcoholisme wordt onder meer beschouwd als een hersenziekte. Erfelijke factoren bepalen waarschijnlijk waarom de een vrij snel verslaafd raakt, terwijl de ander een sociale drinker blijft. Verslaving aan alcohol wordt gekenmerkt door het onvermogen om de drank te laten staan en een heftig verlangen (craving) wanneer er geen drank ter beschikking staat. Bij het ontstaan van de verslaving speelt naast ontwenningsverschijnselen en controleverlies, wisselende activering van het beloningscentrum in de hersenen een rol, waardoor operante conditionering ontstaat: op drinken volgt een beloning. De gedachte achter de behandeling met naltrexon is het blokkeren van deze beloningsrespons.

Onderzoek

Low Dose Naltrexone (LDN)
LDN is de gebezigde aanduiding voor het "off-label" gebruik van Naltrexon in lage dosering voor ziekten die geen verband houden met opioïde afhankelijkheid of alcoholverslaving. De dosis is maximaal een tiende van wat normaliter wordt voorgeschreven, typisch in de ordegrootte van 3 - 4,5 mg. In kleine klinische studies lijkt het veelbelovend bij immuun- en ontstekingsgerelateerde aandoeningen zoals inflammatoire darmziekten, Multiple Sclerosis, CVS en chronische pijn zoals bij Fibromyalgie. Over de werkingsmechanismen bestaat nog veel onduidelijkheid. Studies wijzen op meerdere interacties, onder andere op Met-enkephalin en de OGFr receptor , welke een belangrijke rol spelen in de celgroei en -differentie. Door binding op de opioid receptors van lymfocyten, remt LDN de transformatie van B-cellen en T-cellen, waarmee een ongewenste immuunrespons kan worden voorkomen. Vergelijkbaar is de invloed op TLR4 en de cytokine productie.

Bijwerkingen

Dikwijls (>10%): slaapstoornissen, onrust, nervositeit, angst, buikpijn en -krampen, misselijkheid, braakneiging, futloosheid, gewrichts- en spierpijn, hoofdpijn. Minder vaak (<10%): verminderde eetlust, gewichtsverlies, diarree, obstipatie, dorst, verhoogde energie, depressieve symptomen, duizeligheid, huiduitslag, seksuele stoornissen.

Richtlijnen

Alternatieven

Zie ook