De krul of plaskrul is een Amsterdams urinoir voor mannen in de openbare ruimte, ontworpen aan het eind van de 19e eeuw door de Dienst der Publieke Werken. Voor vrouwen bestond geen vergelijkbare voorziening. Voorheen werden ook krullen aangetroffen in Haarlem, Rotterdam en Zaandam.
Er zijn krullen in een enkele en een dubbele uitvoering en sommige krullen zijn voorzien van een dakje. De krul in enkele uitvoering bestaat uit een ijzeren plaat die spiraalvormig gebogen is en op vier ijzeren poten een halve meter boven de grond gedragen wordt. Aan de bovenste helft is de plaat geperforeerd waardoor doorkijk en lichtinval op ooghoogte mogelijk is. Het plaatijzer is donkergroen geverfd. De vloer bestaat uit tegeltjes en er staat een natuurstenen plaat met plasgoot. De krullen zijn aangesloten op het riool en worden door de gemeente gereinigd met grachtenwater.

In 1859 stelde uitvinder Leijs voor om holle aanplakzuilen te plaatsen met de functie van urinoir. Er werd echter gekozen voor het ontwerp van de krul. Van belang vond men hierbij de transparantie van het ontwerp. Voor dienstdoende agenten was het hierdoor mogelijk te beoordelen of zich meer dan één peersoon in een urinoir bevond, wat nodig werd geacht, omdat (in de 19e en het grootste deel van de 20e eeuw) dergelijke voorzieningen door homoseksuele mannen voor sexuele ontmoetingen (cruisen) werden gebruikt. In 1980 werden nog zo'n 40 krullen voor het cruisen gebruikt, maar eind jaren 90 was dit gebruik zo goed als verdwenen.
De eerste krullen werden rond 1870 geplaatst. Bij het Paleis voor Volksvlijt werd in 1877 voor het eerst de dubbele krul geplaatst. In 1916 werd een nieuw ontwerp bedacht door de architect Jan van der Mey. De ornamentiek aan de bovenzijde kwam te vervallen en het pissoir werd voorzien van een halfcilindrische kap.
In de 1928 werd de urinoircommissie opgericht. die commissie adviseerde over de plekken voor de krullen. Nadien werd ook door de Amsterdamse Kiosken Onderneming (AKO) overgegaan tot het bouwen van openbare toiletten, die waren voorzien van waterkraan, toilet en telefoon. Door hoge kosten zijn deze toiletvoorzieningen in de loop der tijd echter weer gesloten.
In 2008 zijn alle plaskrullen opnieuw verzinkt en gerestaureerd. In 2017 stonden er vijfendertig plaskrullen in Amsterdam. Hiervan zijn er twee van het van der Meymodel. De plaskrullen langs de gracht worden door de gemeente in stand gehouden om te voorkomen dat mensen die wildplassen in de gracht daarbij in het water vallen. (Door allerlei oorzaken verdrinken in Amsterdam gemiddeld ieder jaar 15 personen in de gracht).
In februari 2022 werd een ruim 100-jaar oude plaskrul die oorspronkelijk op de Noordermarkt stond, verplaatst naar de "Westerstraat" in het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem.
De urinoirs zijn op mannen gericht. Dat werd door de urinoircommissie ooit uitgelegd met de redenering dat ze met name bedoeld zijn "voor de man die zijn werk op straat heeft".
In de jaren zestig van de twintigste eeuw werd voorgesteld de voorzieningen zoveel mogelijk te verwijderen met het argument dat er ontuchtige handelingen werden gepleegd en dat een alternatief in de vorm van afsluitbare toiletten te duur zou zijn. Het voorstel leidde tot protest bij de homobeweging die de functie van ontmoetingsplek wilde behouden.. Op 24 januari 1970 voerde Dolle Mina actie om "plasrecht" te eisen door met roze linten de plaskrullen dicht te binden .
De ophef inspireerde de archeoloog en dichter Frederic Bastet in zijn bundel Het fin de siècle alfabet tot het gedicht:
Suffragette
De suffragette werpt bij Lexis
haar kuisheidsgordel door de ruit.
Zij schreeuwt: als Hunkemöller sex is
ben ik nog liever snol dan bruid !
Zij eist - en verder geen gel.. -
het vrouwenpiesrecht in een krul.
In 1985 adviseerde de urinoircommissie positief over het plaatsen van geautomatiseerde openbare toiletten, maar de commissie werd opgeheven en het plan werd niet uitgevoerd. In 2017 kwam het op mannen gerichte ontwerp van de urinoirs opnieuw ter discussie, nadat een vrouw in Amsterdam een boete kreeg voor wildplassen. Zij had niet gebruikgemaakt van een plaskrul, verdedigde zij zich, "omdat bij het hurken inkijk mogelijk is" en had geweigerd de boete te betalen wegens vrouwendiscriminatie. De rechter achtte de plaskrullen echter wel geschikt voor vrouwen en ze moest de boete betalen. De uitspraak leidde tot de landelijke urinoirplasactie Zeikwijf die internationale aandacht kreeg.
Amsterdam kende in 2017 naast de urinoirs in totaal drie openbare toiletten die geschikt zijn voor vrouwen. Dit aantal is aanzienlijk lager dan in vergelijkbare steden. In 2017 had Berlijn 177 en Parijs 150 openbare toiletten.
Met name voor het uitgaanspubliek zet de gemeente Amsterdam plaskruizen en verzinkbare urinoirs in. In 2016 is een verzinkbaar urinoir geplaatst bij het Paleis op de Dam die twee mannenurinoirs maar ook een vrouwenurinoir bevat.
In 2024 zijn er in de gemeente Amsterdam in totaal 37 gietijzeren urinoirs en drie moderne urinoirs.
De gemeente heeft echter een uitsterfbeleid ingevoerd. De krullen zullen geleidelijk worden vervangen door een zogenaamd MVG-toilet, een toilet dat door mannen, vrouwen en gehandicapten kan worden gebruikt. Het beleid houdt in dat als een plaskrul kapot is of wordt verwijderd vanwege weg- of kadewerkzaamheden, hij niet zal worden vervangen of opnieuw geïnstalleerd. Er kan ook worden besloten om een plaskrul te verwijderen als er klachten over zijn. In veel gevallen hebben klachten inmiddels geleid tot het verdwijnen van een plaskrul.
De gemeente Amsterdam heeft dit beleid ingevoerd, omdat de gemeente inclusief wil zijn. Een plaskrul, die alleen door mannen kan worden gebruikt, past niet in deze filosofie.
Wanneer de plaskrul volledig uit het straatbeeld zal zijn verdwenen, is onzeker. Het kan nog decennia duren, maar de gemeente kan ook morgen besluiten om alle plaskrullen te verwijderen. Steden zoals Parijs, Rotterdam, Utrecht en Den Haag hebben dit voorbeeld al gevolgd.